Nationaal nieuws
   
Maart 2012
Promotiefilm RRD 12 more
Promotie Birgit Molier 12 more
Februari 2012
Wetenschappelijke promotie Jitske Gulmans 12 more
December 2011
Na een beroerte thuis verder revalideren met een robot 12 more
September 2011
Het Roessingh pioniert in gebruik nieuwe looprobot 12 more
Juli 2011
Gezonde vrijwilligers gezocht voor onderzoek naar handopening na beroerte 12 more
Mei 2011
Wetenschappelijke promotie Marit van Weering 12 more
April 2011

Hardloopteams Roessingh klaar voor de Enschede Marathon!

12 more

Ondertekening regionaal samenwerkingsverband telezorg

12 more
RRD in Labyrint (VPRO) 12 more
Oktober 2010
Het Roessingh voorop bij invoering van telemedicine 12 more
September 2010
Deelnemers gezocht voor onderzoek chronische vermoeidheid 12 more
Roessingh Research and Development test nieuwe hardloopschoen tijdens Singelloop Enschede 12 more
Juli 2010
Revalidatierobots Het Roessingh gaan het land in 12 more
Februari 2010

Promotie Anke Kottink-Hutten: Assessment of a two-channel implantable peroneal nerve stimulator post-stroke

12 more
November 2009
Inaugurele Rede Miriam Vollenbroek: ‘Zorg op afstand Dichterbij’ 12 more
Wederom een wetenschappelijke promotie bij RRD 12 more
Oktober 2009
Veni-aanvraag toegekend aan Dr. ir. Laura Kallenberg 12 more
  Drie wetenschappelijke promoties bij RRD 12 more
Januari 2009
Leerstoel voor Miriam Vollenbroek-Hutten 12 more
Oktober 2008
Jubileum Congres, Het Roessingh 60 jaar: Revalidatietechnologie … de verbeelding voorbij! 12 more

Roessingh ontvangt Internationale Wetenschappelijke top op het gebied van de ambulante bewegingsregistratie

12 more
Juni 2008
Roessingh opent haar deuren i.v.m. 60-jarig bestaan more
  Dynasit stoel geselecteerd als finalist in de RESNA 2008 Student Design Competition more
Maart 2008 Hardlopers het Roessingh bereiden zich voor op 10 km / halve marathon van Enschede

more

December 2007 Roessingh en RRD behouden erkenning Innovatiecentra Pijnrevalidatie en Revalidatietechnologie in 2008 more
  Promotie Rianne Huis in ‘t Veld: Work-related neck-shoulder pain: the role of cognitive-behavioural factors and remotely supervised treatment.

more

Mei 2007 Oratie Hans Rietman: Een intelligente prothese is nog geen natuurlijke prothese more
  Hans Rietman benoemd tot Wetenschappelijk Directeur RRD

more

April 2007 Wederom prijs voor Telefysi

more

Maart 2007 Promotie Laura Kallenberg: Multi-channel array EMG in chronic neck-shoulder pain more
  Promotie Gerlienke Voerman: Musculoskeletal neck-shoulder pain, a new ambulant myofeedback intervention approach

more

Januari 2007 Promotie Carola Mes: Improving non-optimal results in chronic pain treatment: a tripartite approach more
  ALS project genomineerd voor NITEL Telemedicineprijs

more

Juli 2006

Successful ISEK conference 2006 for RRD

more
Juni 2006

Uitreiking Telefysi boek aan Roger van Boxtel (Menzis)

more
Mei 2006

Telefysi wint met Telefysi NBL Award 2006

more
April 2006

Telefysi project genomineerd voor NBL Award 2006

more
Maart 2006

Promotie Henk van Dijk: De invloed van leeftijd en feedback op het leren van motorische vaardigheden

more
Februari 2006

Philips topman Kleisterlee bezoekt Roessingh Research and Development

more
December 2005 Promotieonderzoek Joke de Kroon: Therapeutische elektrostimulatie van de arm (ES) na een CVA more
 

Promotie Govert Snoek: "Dwarslaesiepatiënten: betere hand- en armfunctie, maar niet tegen elke prijs"

more
November 2005

Intreerede prof. dr. Maarten IJzerman: “Neuro-revalidatie tussen technologie en vrije wil”

more
Oktober 2005

Promotie Arjan van der Salm: Spasticiteitsreductie d.m.v. elektrische stimulatie in beenspieren bij patiënten met een dwarslaesie’

more
Februari 2005 Maarten IJzerman benoemd tot hoogleraar UT more
  Promotie Jaap Buurke: Walking after stroke Co-ordination patterns & functional recovery more
 

Burgemeester Mans opent nieuwbouw Roessingh Research & Development

more
September 2004

Promotie Michiel Jannink

more
May 2004 Oratie dr. ir. Hermie J. Hermens more
 

Minister Hoogervorst legt eerste steen voor uitbreiding RRD

more
Maart 2004

Forse uitbreiding voor Roessingh Research en Development

more
Januari 2004 Beweging binnen ICT ontwikkelingen in de Zorg more
 

Landelijke erkenning voor Roessing

more
   

 

Nieuwe RRD-promotiefilm beschikbaar op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=3byRyTYlo3E

 

De invloed van aanvullende feedback op het herleren van arm- en handfunctie na een beroerte

 

Op vrijdag 2 maart verdedigt Birgit Molier haar proefschrift getiteld ‘Influence of augmented feedback on learning upper stroke extremity tasks after stroke’ aan de Universiteit Twente in Enschede.

Training van de arm hand functie
Het herstel van de arm-handfunctie is een van de belangrijke doelstellingen tijdens de revalidatie van mensen met een beroerte (CVA). Een goede armfunctie stelt mensen in staat om zelfstandig naar voorwerpen te reiken. Met een goede handfunctie zijn ze vervolgens in staat om die voorwerpen ook zelfstandig op te pakken, in beweging te zetten, enzovoort. Daarmee is een goede arm-handfunctie cruciaal om na een herseninfarct weer zo zelfstandig mogelijk te kunnen functioneren. Training van de arm-handfunctie is dan ook een belangrijk en intensief onderdeel van het revalidatieprogramma voor mensen met een beroerte.

Herstel van motorische functie met ‘augmented’ feedback
Training van de arm-hand functie is zinvol omdat het houdings- en bewegingsapparaat van de mens, ook na een beroerte, in staat is om zich gedeeltelijk te herstellen. Er zijn verschillende manieren om dit herstel van de motorische functies te verbeteren. Birgit Molier heeft in haar onderzoek gekeken of het herstel van de armfunctie verbeterd kan worden door extra informatie aan te bieden, zogenaamde augmented feedback, over de manier waarop de beweging wordt uitgevoerd en over het resultaat van de beweging. Bij dit onderzoek werdonder andere gebruikgemaakt van een revalidatierobot voor de arm en schouder. Naast het ondersteunen van de arm is deze robot tevens in staat om feedback te geven over de kwaliteit van het bewegen door corrigerende krachten op te leggen aan de schouder en elleboog op het moment dat de deelnemers te veel van het gewenste bewegingspatroon afweken. In andere experimenten heeft Birgit Molier vervolgens gekeken naar de invloed van visuele informatie op het herleren van de arm- en handfunctie.

Conclusies
Het onderzoek van Birgit Molier is uitgevoerd bij zowel gezonde ouderen als CVA-patiënten. Het onderzoek liet zien dat zowel voor gezonde ouderen als CVA-patiënten de beste resultaten werden behaald als tijdens de bewegingen continu visuele informatie werd aangeboden over de manier van bewegen. Visuele informatie is een van de belangrijkste informatiebronnen bij het aanleren van een nieuwe beweging. Een combinatie van visuele informatie met corrigerende krachten via een robot lijkt daarbij een veelbelovende, innovatieve toepassing om het herstel van de arm-handfunctie na een beroerte te ondersteunen.

Het onderzoek maakt deel uit van een groter onderzoek VIRTUROB (VIRTUal reality en ROBotica) dat uitgevoerd wordt samen met de Universiteit Twente en de Radboud Universiteit in Nijmegen. Het project is uitgevoerd binnen het programma Pieken In de Delta Oost Nederland (PIDON) en is gefinancierd door het ministerie van Economische zaken en de provincies Overijssel en Gelderland. Doel van het project is te komen tot nieuwe behandelmethoden voor mensen met een beroerte met behulp van een revalidatierobot voor de arm.

Publicatiedatum: 1 maart 2012

 


Betere communicatie ‘over de muren heen’ in de zorg rond kinderen met een hersenbeschadiging

 

Op vrijdag 17 februari verdedigt Jitske Gulmans haar proefschrift getiteld ‘Crossing Boundaries, improving communication in cerebral palsy care’ aan de Universiteit Twente in Enschede. Gulmans heeft haar promotieonderzoek verricht binnen onderzoekscentrum Roessingh Research and Development.

Betere communicatie ‘over de muren heen’
Gulmans richtte zich in haar onderzoek op de zorg rond kinderen met cerebrale parese. Dit is een verzamelnaam voor een groep houdings- en bewegingsstoornissen als gevolg van een hersenbeschadiging rond de geboorte. Deze primair fysieke maar vaak meervoudige aandoening vereist gespecialiseerde zorg van velerlei disciplines uit diverse instellingen en sectoren. Gulmans richtte zich op verbetering van de transmurale communicatie in dit complexe zorgnetwerk door middel van een eHealth-toepassing.

Ervaren knelpunten in kaart
Het onderzoek richtte zich op de regio’s Amsterdam, Groningen en Enschede. Een inventarisatie in elke regio liet zien dat ouders voornamelijk knelpunten ervoeren in de onderlinge communicatie tussen professionals, waardoor ouders veelal de rol van boodschapper van informatie hadden. Betrokken professionals herkenden en erkenden deze knelpunten en schreven deze voornamelijk toe aan capaciteitsproblemen, gebrek aan interdisciplinaire richtlijnen en een duidelijke definitie van taken, rollen en bevoegdheden, maar ook een zekere drempel voor contact door onbekendheid met betrokken professionals in het gehele netwerk rond het kind.

eHealth als mogelijke verbeterstrategie
Op basis van de ervaren knelpunten werd een beveiligde internetomgeving ontwikkeld, bereikbaar via www.cpzorgketen.nl, waarop ouders vragen konden stellen aan betrokken professionals en professionals elkaar onderling konden raadplegen. Een pilot van zes maanden in elk van de drie regio’s liet een brede variatie zien in zowel de frequentie van gebruik van het systeem alsook de ervaren meerwaarde ervan, die gerelateerd bleken aan de actuele consultatiebehoefte in combinatie met de complexiteit van het zorgnetwerk rond het kind.

Conclusies en aanbevelingen
De haalbaarheid en bruikbaarheid van het systeem, hoewel nadrukkelijker ervaren door ouders dan professionals, vragen om nader onderzoek naar effectieve implementatie bij die patiënten waarbij veelvuldige consultatie nodig is over verschillende organisaties en settings. Ook zou verdere ontwikkeling van de technologie gericht moeten worden op het inbouwen van meer geavanceerde consultatieopties, naast het vergroten van het gebruiksgemak en integratie van het systeem in de dagelijkse zorgpraktijk. Dit vereist een interactief proces van co-creatie met relevante betrokkenen, om een dienst-op-maat te kunnen realiseren afgestemd op de specifieke behoeften van de gebruiker.

Meer informatie
De openbare verdediging vindt plaats op 17 februari 2012 om 14.45 uur in universiteitsgebouw De Waaier, Drienerlolaan 5 in Enschede. Voorafgaand wordt om 14.30 uur een inleiding gehouden. Promotoren zijn prof. dr. W.H. van Harten van de Universiteit Twente en prof. dr. M.M.R. Vollenbroek-Hutten van de Universiteit Twente / Roessingh Research and Development (RRD). Gulmans heeft haar promotieonderzoek verricht binnen RRD en afgerond binnen het Lectoraat Transparante Zorgverlening van de Hanzehogeschool Groningen, waar Gulmans momenteel werkzaam is als docent/onderzoeker.

Publicatiedatum: 15 februari 2012

 


Na een beroerte thuis verder revalideren met een robot

 

Onderzoekers van Roessingh Research and Development en de Universiteit Twente zijn samen met partners in Nederland, Engeland, Duitsland en Italië een 3 jaar durend project gestart, waarin robots worden ingezet om mensen te helpen revalideren na een beroerte. Experts op het gebied van revalidatie-robots werken samen in een nieuw Europees project genaamd SCRIPT: “Supervised Care and Rehabilitation Involving Personal Tele-Robotics”. Dr.ir. Arno Stienen, werktuigbouwkundige (UT), en Dr. Gerdienke Prange, bewegingswetenschapper (RRD), begeleiden het project vanuit Enschede, dat gecoördineerd wordt door Dr. Amirabdollahian van de University of Hertfordshire in Engeland.

Het projectteam zal ‘robots’ gaan ontwikkelen die het herhaaldelijk oefenen van arm- en met name handbewegingen na een beroerte vergemakkelijken. Juist hand- en polsoefeningen, een van de minst onderzochte gebieden in dit veld, hebben de potentie om een grote bijdrage te leveren aan het zelfstandig leven van mensen die een beroerte hebben gehad. De apparaten moeten zo makkelijk en leuk in het gebruik worden dat mensen zoveel mogelijk kunnen en willen gaan oefenen in de thuissituatie. Daarom worden ze gekoppeld aan motiverende computerspelletjes, die speciaal voor de revalidatie worden ontworpen.

De onderzoekers willen de robot via internet met een therapeut op afstand verbinden via een beveiligde toegang, waarmee de therapeut het oefenprogramma kan aanpassen en de voortgang van de patiënt kan volgen. Op deze manier kan een patiënt het oefenen van arm- en handbewegingen op een speelse manier thuis voortzetten, op basis van de nieuwste inzichten en technologie, zonder dat een therapeut te allen tijde persoonlijk ter plaatse hoeft te zijn.

In het SCRIPT project zal de UT de robots ontwerpen. RRD zorgt voor kennis vanuit klinisch oogpunt, creëert de verbinding tussen robot en behandelaar, en onderzoekt vervolgens het effect van de systemen op de revalidatie van de patiënt. Andere partners binnen het project zijn: University of Hertfordshire (Engeland), R.U. Robots Limited (Engeland), University of Sheffield (Engeland), MOOG BV (Nederland), San Raffaele S.p.A. (Italië) en User Interface Design GMBH (Duitsland). Het project wordt deels gesubsidieerd door de Europese Commissie via het 7e Kader Programma. (www.rrd.nl)

Publicatiedatum: 6 december 2011

 


 

Het Roessingh pioniert in gebruik nieuwe looprobot

 

ENSCHEDE – Revalidanten van Het Roessingh gaan als eersten in Nederland gebruikmaken van een nieuwe looprobot, de LOPES, als aanvulling op de reguliere behandeling. Roessingh Research and Development, het onderzoekscentrum van Het Roessingh, werkt samen met de Universiteit Twente, DEMCON (Oldenzaal) en MOOG (Nieuw-Vennep) aan de ontwikkeling en implementatie van deze looprobot in revalidatiecentrum Het Roessingh.

Looprobot

LOPES staat voor  LOwer-extremity Powered Exo-Skeleton. Veel revalidatiecentra hebben al een andere looprobot, de Lokomat. Daarvan is echter uit onderzoek niet gebleken dat deze beter of efficiënter is andere vormen van looptraining. De Lokomat heeft een beperking tijdens het bewegen en ondersteunt het lopen volledig, wat niet gewenst is bij het revalideren. De LOPES kent deze beperking niet, en kan wat betreft ondersteuning ingesteld worden naar de behoefte en mogelijkheden van de revalidant.

Het testmodel van de LOPES, dat op het terrein staat van de Universiteit Twente, wordt al ingezet bij de looptraining van revalidanten van revalidatiecentrum Het Roessingh die een incomplete dwarslaesie hebben. Vier van de tien proefpersonen hebben inmiddels de training afgerond en de eerste bevindingen zijn positief: bij bijna alle patiënten verbeterden de loopsnelheid en de afgelegde afstand. De LOPES zal ook meerwaarde hebben voor CVA-patiënten. Zij kunnen na een beroerte eerder en intensiever trainen.

Publicatiedatum: 23 september 2011

LOPES bij Hart van Nederland
Op maandag 3 oktober is in de uitzending van HvN aandacht besteed aan de Lopes.
Deze uitzending is hier te bekijken.

 


 

Gezonde vrijwilligers gezocht voor onderzoek naar handopening na beroerte

 

In het kader van een onderzoek naar het verbeteren van arm- en handfunctie bij mensen die een beroerte hebben gehad zoeken wij gezonde vrijwilligers.

Doel
Het doel van het onderzoek is inzicht te krijgen in bewegingen en spieraanspanning tijdens het reiken naar en grijpen van objecten bij gezonde ouderen, ter vergelijking van bewegen na een beroerte.

Het onderzoek
Er wordt eenmalig een meting gedaan van ongeveer 1 uur. Tijdens die meting wordt u gevraagd om een aantal reik- en grijpbewegingen te maken. Tijdens deze bewegingen meten we de bewegingen en spieraanspanning van uw arm. De meting zal plaatsvinden bij Roessingh Research & Development in Enschede.

Deelname
Voor dit onderzoek zijn we op zoek naar mensen tussen de 40 en 75 jaar zonder aandoeningen aan de armen. Deelname is geheel op vrijwillige basis en u kunt te allen tijde uw deelname stoppen, zonder opgave van reden. Voor meer informatie en aanmelding kunt u contact opnemen met Thijs Krabben (053-4875754 of t.krabben@rrd.nl), werkzaam als onderzoeker bij Roessingh Research & Development.

Publicatiedatum: 8 juli 2011

 


 

Wetenschappelijke promotie Marit van Weering

 

Op vrijdag 13 mei, zal Marit van Weering, junior onderzoeker bij Roessingh Research and Development (RRD), haar proefschrift getiteld ‘Towards a new treatment for chronic low back pain patients, using activity monitoring and personalized feedback’ verdedigen aan de Universiteit Twente. Het doel van het promotieonderzoek was het ontwikkelen en testen van een ambulante gepersonaliseerde behandeling voor patiënten met chronische lage rugklachten. Met behulp van de technologie is het mogelijk om het activiteitenpatroon in het dagelijkse leven van de patiënt te monitoren. Tevens biedt de technologie de mogelijkheid om gepersonaliseerde feedback aan de patiënt te geven om zijn of haar activiteiten te veranderen. Doel van de behandeling is er op gericht om het activiteitenpatroon van de patiënt meer te balanceren over de dag. Het promotieonderzoek heeft aangetoond dat het m.b.v. deze techniek inderdaad mogelijk is om het activiteiten patroon van patiënten met lage rugklachten te beïnvloeden. De ontwikkelde techniek wordt op dit moment ingezet in meerder externe onderzoeksprojecten waarbinnen wordt geëvalueerd in welke mate de behandeling ook daadwerkelijk helpt om de gezondheidsstatus van de patiënt te verbeteren.

Promotoren bij de promotie van Marit van Weering zijn Prof. M. Vollenbroek-Hutten en Prof. H. Hermens, clustermanagers bij RRD. De promotie vindt plaats op vrijdag 13 mei 2011, om 16.45 uur in de Prof DR G Berkhoff-zaal, gebouw de Waaier, Universiteit Twente te Enschede.

Publicatiedatum: 11 mei 2011

 


 

Hardloopteams Roessingh klaar voor de Enschede Marathon!

 

A.s. zondag zullen in totaal 22 hardlopers vanuit het Roessingh deelnemen aan de Enschede Marathon. In totaal zullen 5 teams deelnemen: 3 op de Halve Marathon (21 km) en 2 op de 5 mijl (8 km). 2 lopers zullen individueel meedoen aan de hele marathon (42 km).

Al deze lopers zijn sinds september bezig met de voorbereidingen vanuit de clinics die dit jaar al weer voor de 4e keer georganiseerd zijn vanuit RRD. Onder deskundige leiding van Jasper Reenalda, zelf fanatiek triatleet en tevens onderzoeker / bewegingswetenschapper bij RRD, hebben zij eens in de 6 weken deelgenomen aan een gezamenlijke training. Daarnaast is voor elke loper een persoonlijk trainingsschema opgesteld gebaseerd op de persoonlijke trainingsdoelstellingen en mogelijkheden. Onderdeel van de voorbereidingen dit jaar vormde tevens een heus trainingsweekend in het Teutenburgerwald. Ook hebben de lopers deelgenomen aan diverse wedstrijdjes in de regio als voorbereiding op a.s. zondag.

Vertrek van de Enschede marathon is a.s. zondag 17 april vanaf de Boulevard in Enschede. Vertrektijden voor de verschillende afstanden zijn:
10.30 Hele marathon
11.05 5 mijl (city run)
13.45 Halve marathon

De teamindeling is als volgt:
Team 1 Halve marathon: Allard Dijkstra , Richard Evering , Ruud Kolthof en Thijs Tonis.
Team 2 Halve Marathon: Ab Reitsma , Joost Rinket, Frank Bastin, Jans Ties en Jaap Buurke.
Team 3 Halve Marathon: Alice Plegt, Ellen Ekelhof, Hanneke Brienen en Arjan Snippers.
Team 4: 5 Mijl: Hester Watson, Wiebe de Vries en Rosemary Dubbeldam.
Team 5: 5 Mijl: Thijs Krabben Birgit Molier, Dymphy Kusters en Mark Eppink.
Individueel: Hele Marathon: Jasper Reenalda en Bart Freriks.

De meeste lopers zijn herkenbaar aan een blauw RRD shirt. Ze mogen aangemoedigd worden!

Artikel TCTubantia 14 april 2011

Publicatiedatum: 14 april 2011

 


 

Ondertekening regionaal samenwerkingsverband telezorg

 

In het kader van het CoCo (Conditie Coach) project, een telezorg project voor chronisch zieken, ondertekenen de bestuurders van 12 regionale zorginstellingen en zorgverzekeraar Menzis op 7 april aanstaande, een samenwerkingsverband met Hans Rietman, wetenschappelijk directeur RRD, inzake telemedicine. Tevens zijn bij de ondertekening aanwezig is dhr. P. Vos van de Raad van Volksgezondheid. Deze raad heeft recentelijk zorgaanbieders en zorgverzekeraars opgeroepen meer lef te tonen bij het ontwikkelen en implementeren van telemedicine projecten.

De Conditie Coach bestaat uit het op afstand registreren van het activiteitenpatroon van de patiënt met behulp van bewegingssensoren op het lichaam en een mobiele PDA/telefoon. De patiënt wordt van adviezen voorzien hoe zijn activiteitenpatroon te veranderen. Een online oefenprogramma biedt ook de mogelijkheid op afstand te communiceren met zorgverleners van verschillende zorginstellingen.

CoCo maakt het voor patiënten mogelijk om te werken aan herstel in hun dagelijkse omgeving onder adequate begeleiding van zorgprofessionals. Hiervoor hoeven patiënten niet te reizen en zijn niet gebonden aan de beschikbare behandeluren van de therapeut. CoCo kan daarmee de ziektelast verminderen en vergoot het zelf-management van de patiënt. Vooral patiënten met COPD, oncologisch lijden, heupfracturen en totale heup/knie prothese kunnen hiermee beter geholpen worden.

CoCo is ontwikkeld door RRD. Binnen het CoCo-project heeft RRD vanuit het Ministerie van VWS en het Zorginnovatieplatform de opdracht gekregen om de Conditie Coach te implementeren voor chronisch zieken. Met de ondertekening van de regionale samenwerkingsovereenkomst wordt een belangrijke formele stap gezet om dat te realiseren.

De deelnemende partijen zijn:

  • Roessingh Research and Development
  • Medisch Spectrum Twente
  • Ziekenhuis Groep Twente (2 lokaties)
  • Het Roessingh Centrum voor revalidatie
  • Trivium Meulenbelt Zorg (4 lokaties)
  • Fysiotherapie Praktijk Wooldersteen
  • Fysiotherapie Praktijk de Perikhof
  • FITclinic
  • Menzis
  • Roessingh TeleZorg Centrum
  • AO Adviseurs voor Organisatie Werk
  • Stichting Zorgbelang Overijssel

Publicatiedatum: 5 april 2011

Artikel: Zorg op Afstand - TCTubantia 16-04-2011

 


 

RRD in Labyrint (VPRO)

 

Op dinsdag 5 april 2011 zal er om 21:20 op Nederland 2 een reportage te zien zijn over RRD. De reportage is getiteld Mens en Machine en gaat over de toepassing van zogenaamde Exo-skeletons en Robots, o.a. in de gezondheidszorg. Tijdens de uitzending zal Hans Rietman, wetenschappelijk directeur van RRD, revalidatiearts en hoogleraar aan het woord komen. Hij zal met name ingaan op de klinische toepassing van o.a. de Lopes. De Lopes is een trainings/looprobot die aan de Universiteit Twente in samenwerking met o.a. RRD wordt ontwikkeld. In het kader van de evaluatie die binnen het Lopes project zal plaats vinden zal deze robot medio 2012 binnen het Roessingh worden geplaatst .

Labyrint is een coproductie van VPRO en NTR en gaat over wetenschappelijk ontwikkelingen. Deze wetenschappelijke ontwikkelingen en nieuwe inzichten geven vaak hoop maar kunnen ook zorgwekkend zijn. Labyrint geeft duiding aan deze ontwikkelingen en zoekt naar nieuwe theorieën en experimenten.

De herhaling van het programma is op woensdag 6 april om 14.15 uur op Nederland 2.

Klik hier om de uitzending te bekijken

 


 

Het Roessingh voorop bij invoering van telemedicine

 

Roessingh Research and Development (het onderzoeksinstituut van Revalidatiecentrum Het Roessingh in Enschede) voert de komende tijd, in drie projecten, zowel Euregionaal, regionaal als landelijk, een aantal nieuwe toepassingen in op het gebied van telemedicine bij (revalidatie)zorg instellingen in Nederland en Duitsland.

In het door de Euregio gefinancierde project ‘Grenzeloze zorg’ zal het zogenaamde video-teleconsult worden ingevoerd binnen een aantal instellingen in de Euregio. Met behulp van het video-teleconsult kunnen de behandelaars van patiënten met houdings- en bewegingsproblematiek elkaar raadplegen op basis van videobeelden van de patiënt. De informatie over de behandeling reist naar de behandelaar of specialist, in plaats van dat de patiënt naar de specialist behandelaar gaat. Daardoor kan de patiënt onder behandeling blijven bij de eigen behandelaar terwijl er toch gebruik gemaakt kan worden van de kennis en ervaring van specialisten. Dit is minder belastend voor de patiënt, goedkoper en kwaliteitsverhogend. Het video-teleconsult wordt inmiddels in Nederland door een aantal zorgverzekeraars vergoed.

In het door branche organisatie Revalidatie Nederland gefinancierde project ‘TeleRevalidatie.nl’  zal een zogenaamd webbased trainingsprogramma worden ingevoerd binnen drie revalidatiecentra in Nederland. Met een webbased trainingsprogramma kunnen patiënten een deel van hun revalidatiebehandeling thuis uitvoeren. Ze krijgen daarbij via internet een persoonlijk oefenprogramma aangeboden en worden daarbij op afstand begeleid vanuit het revalidatiecentrum.

In het door het ministerie van VWS gefinancierde ‘CoCo’ project zal een zgn. ConditieCoach worden ingevoerd in de regio Twente binnen een keten van instellingen die zich bezig houdt met o.a. de behandeling van ex- kankerpatiënten, patiënten met een chronische longaandoening en patiënten die een heupoperatie hebben ondergaan. De ConditieCoach zal worden gebruikt om de patiënten een evenwichtiger activiteiten patroon aan te leren door ze thuis een gepersonaliseerd webbased oefenprogramma aan te bieden, hun activiteiten nauwkeurig te monitoren en ze daarbij op afstand vanuit de zorginstelling te begeleiden.

Met de drie projecten samen is een (subsidie)bedrag van 1,8 miljoen euro gemoeid. Het feit dat Roessingh Research Development, als hoofdaanvrager, binnen korte tijd drie grote projecten heeft binnengehaald op het gebied van de telemedicine, laat zien dat deze organisatie en daarmee Het Roessingh de expertise in huis hebben, als het gaat om de toepassing van telemedicine binnen de revalidatiezorg in Nederland.

Betrokken instellingen in de regio Twente zijn: het Medisch Spectrum Twente, de Ziekenhuis Groep Twente, Trivium Meulenbelt Zorg en een aantal fysiotherapiepraktijken. In het Euregionale project nemen onder andere revalidatie-instellingen in Duitsland deel en het Technology Trial Center, wat verbonden is aan revalidatiecentrum Groot Klimmendaal in Arnhem. Deze laatste instelling participeert ook in het landelijke VWS-programma, samen met revalidatiecentrum Merem Behandelcentra in Huizen en het Reade Instituut in Amsterdam. Voor het Roessingh Telezorg Centrum is hier een centrale rol weggelegd.

Publicatiedatum: 27-10-2010

 


 

Deelnemers gezocht voor onderzoek chronische vermoeidheid

 

In de behandeling van het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) staat een goede balans tussen bewegen en rust centraal. Maar wat is een goede balans? Welke norm hanteer je daarvoor? Roessingh Research and Development (RRD), het onderzoekscentrum van Het Roessingh, doet wetenschappelijk onderzoek om een beweegnorm vast te stellen die voor mensen met CVS een goede afwisseling tussen bewegen en rust aangeeft.

Mensen met het chronisch vermoeidheidssyndroom hebben vaak een verstoorde balans in hun activiteitenpatroon: ze bewegen te weinig of juist te veel.

Behandeling op afstand
Om in de thuissituatie een goede balans te bereiken, doet Roessingh Research and Development onderzoek naar behandeling op afstand. Dat betekent dat de patiënt in de thuissituatie direct feedback krijgt op zijn fysieke activiteiten. Dat gebeurt via een bewegingssensor en een zakcomputer/PDA (personal digital assistant). De PDA geeft direct persoonlijk advies over een goede balans tussen bewegen en rust.

Een norm voor een juiste balans
Dat advies is gebaseerd op een activiteitenpatroon van gezonde mensen. Dit patroon is echter niet voor alle mensen met CVS haalbaar hetgeen leidt tot demotivatie om het advies op te volgen. Roessingh Research and Development doet daarom wetenschappelijk onderzoek naar verbetering van de beweegnorm voor mensen met CVS. Door verbetering van de beweegnorm zullen mensen met CVS meer gemotiveerd zijn om de adviezen op te volgen.

Deelname aan het onderzoek
Roessingh Research and Development zoekt mensen met de diagnose CVS die deel willen nemen aan dit onderzoek. Het is niet noodzakelijk om in behandeling te zijn. Een deelnemer maakt drie weken gebruik van het feedbacksysteem en vult daarnaast driemaal een vragenlijst in.

CVS-patiënten die geïnteresseerd zijn en mee willen werken aan het onderzoek, kunnen contact opnemen met de heer R. Evering, onderzoeker bij Roessingh Research and Development, telefoon (053) 487 57 68 of e-mail r.evering@rrd.nl.

Publicatiedatum: 14-9-2010

N.a.v. dit bericht in de media:

TC Tubantia (21-09-2010): artikel

 


 

Roessingh Research and Development test nieuwe hardloopschoen tijdens Singelloop Enschede

 

Op zondag 12 september neemt namens Roessingh Research and Development een team deel aan de bedrijvenloop van de Menzis Singelloop in Enschede. Bijzonder is dat het team zal lopen op prototypes van een nieuw concept hardloopschoen: de Heelless schoen.

heelless

Dit hardloopschoenconcept wijkt af van de huidige hardloopschoenen en kenmerkt zich door een wigvormige zoolconstructie en daarmee het ontbreken van een hak (heelless). Hierdoor zou de gebruikelijke haklanding, die een remmend effect heeft en hoge krachten oplevert, kunnen worden voorkomen en zou de loper meer op de middenvoet en voorvoet landen. Een stijve plaat in de tussenzool zorgt ervoor dat de krachten die bij de landing vrijkomen, over de gehele voet worden verdeeld. Het doel hiervan is dat de krachten die op het hielbeen en de kuiten worden uitgeoefend af zullen nemen. Deze afname in grondreactiekracht zou een positief effect kunnen hebben op de preventie en het herstel van loopgerelateerde blessures. Ook zou de schoen de loopefficiëntie kunnen verhogen doordat de remmende haklanding omgezet zou worden in een efficiëntere middenvoet- of voorvoetlanding.

De Heelless schoen is naar idee van Healus Ltd verder ontwikkeld in een door de Europese Commissie gefinancierd project, dat wordt uitgevoerd door een consortium van Europese bedrijven en onderzoekscentra. Roessingh Research and Development (RRD), het onderzoekscentrum van Het Roessingh in Enschede, is verantwoordelijk voor de wetenschappelijke validatie van de schoen. Hiervoor zijn gedurende de afgelopen drie maanden in het laboratorium van RRD een groot aantal biomechanische, kinematisch en energetische metingen uitgevoerd om te bepalen wat het effect is van het lopen op de Heelless schoen in vergelijking met blootvoets lopen en lopen op standaard hardloopschoenen. Voor de recrutering van de proefpersonen is nauw samengewerkt met hardloopspeciaalzaken Step One in Borne en Runnersworld in Enschede.

In het verlengde van de bovengenoemde objectieve metingen maakt de deelname aan de Singelloop deel uit van een serie subjectieve metingen. Hierbij wordt voornamelijk gekeken naar hoe de loper de schoen ervaart wat betreft comfort.

Behalve het Heelles-team doen vanuit Het Roessingh traditiegetrouw ook nog twee andere teams mee aan de Menzis Singelloop.

Publicatiedatum: 2 september 2010

N.a.v. dit bericht in de media:

TV Enschede FM (7-9-2010): interview
TC Tubantia (8-9-2010): Harder Rennen op loopschoen zonder hak
De Telegraaf (8-9-2010): Hardloopschoenen zonder hak sneller
Algemeen Dagblad (10-9-2010): Nieuwe sportschoen zonder hak geeft snellere looptijden
TC Tubantia (10-9-2010): FC Knudde strip
RTV-Oost (12-9-2010): reportage
Runners World (04-04-2011): publicatie
Sportcult (maart-april 2011): publicatie
   
Geen Flashplayer? Klik op het logo om de player te downloaden  
Flashplayer  

 

Revalidatierobots Het Roessingh gaan het land in

 

Roessingh Research and Development (RRD), het onderzoekscentrum van Het Roessingh in Enschede, heeft samen met de Universiteit Twente en Baat Medical Engineering in Hengelo een revalidatierobot ontwikkeld die gebruikt kan worden bij de behandeling van CVA-patiënten. Met behulp vanfinanciering uit het landelijke Innovatieprogramma Revalidatie van Revalidatie Nederland en ZonMw wordt deze revalidatierobot nu bij zeven revalidatiecentra in het land geplaatst en in de behandeling ingevoerd.

robotsrobots

 

Jaarlijks krijgen ruim veertigduizend mensen een beroerte of CVA. Ruim de helft van deze mensen houdt daarna een beperkte armfunctie waardoor zij hun armen functioneel minder goed kunnen inzetten bij allerlei dagelijkse handelingen. Optimaal herstel van de armfunctie is essentieel voor patiënten om zo zelfstandig mogelijk te functioneren. Gebleken is dat dit bereikt kan worden door actieve doelgerichte oefeningen van de armfunctie met een hoge intensiteit. Dit soort oefeningen zijn dan ook een belangrijk onderdeel van het revalidatieproces om het herstel van de armfunctie na een herseninfarct te optimaliseren.

Deze oefeningen zijn echter niet alleen voor de patiënt maar ook voor zijn behandelaar, de fysio- of ergotherapeut, erg intensief. Daarom is in het verleden door RRD onderzocht of het ook mogelijk was deze oefeningen uit te voeren met behulp van zogenaamde revalidatierobots die de patiënt ondersteunen bij het uitvoeren van de oefeningen. De resultaten van dat onderzoek lieten zien dat robotondersteunde therapie een positief effect heeft op het herstel van de armfunctie van patiënten met een CVA.

Voor het onderzoek hebben RRD, de Universiteit Twente en Baat Medical Engineering een robotische arm ontwikkeld die het gewicht van de arm kan compenseren. Hiermee worden de bewegingen vergemakkelijkt. Het onderzoek met deze robots liet zien dat de patiënten een grotere reikwijdte wisten te bereiken, terwijl daarvoor minder spierkracht nodig was. Deze directe invloed vertaalt zich naar een groter werkbereik van de arm, zonder hulp van het apparaat, na een training van enkele weken met armondersteuning.

De deelnemende revalidatiecentra zijn Het Roessingh in Enschede, UMCG in Groningen, Sint Maartenskliniek in Nijmegen, Rijndam in Rotterdam, De Hoogstraat in Utrecht en Revalidatiecentrum Amsterdam in Amsterdam en Groot Klimmendaal in Arnhem. De therapeuten in die centra worden opgeleid om deze robots al in een zeer vroege fase in te zetten bij de behandeling van patiënten met een beroerte. Ook zullen de therapeuten relevante gegevens van de behandelingen vastleggen die RRD gaat analyseren met als doel deze behandeling nog beter wetenschappelijk te onderbouwen.

De ontwikkelde revalidatierobot wordt inmiddels op de markt gebracht door het Zwitserse bedrijf Hocoma. Daarmee gaan deze robots niet alleen Nederland maar ook de wijde wereld in.

Publicatiedatum: 5 juli 2010

 


 

Promotie Anke Kottink-Hutten: Assessment of a two-channel implantable peroneal nerve stimulator post-stroke

 

Op 12 februari verdedigt Anke Kottink-Hutten, onderzoeker bij Roessingh Research and Development (RRD), haar proefschrift ‘Assessment of a two-channel implantable peroneal nerve stimulator post-stroke’. De verdediging vindt plaats aan de Universiteit Twente in Enschede.

Een cerebro vasculair accident, ook wel CVA of beroerte genoemd, is een van de belangrijkste oorzaken van permanente invaliditeit. In Nederland worden jaarlijks 250 van de 100.000 mensen getroffen door een CVA. Een CVA kan leiden tot een beschadiging van de zenuwbanen van de hersenen naar het ruggenmerg, met als gevolg uitval van allerlei lichamelijke functies. Een sleepvoet is een motorische aandoening die vaak wordt waargenomen bij CVA-patiënten. Deze aandoening resulteert in een afwijkend, inefficiënt en onveilig looppatroon die patiënten hindert de alledaagse activiteiten uit te voeren, resulterend in een verminderde kwaliteit van leven. In het verleden zijn verschillende therapieën ontwikkeld ter behandeling van een sleepvoet. Functionele elektrische stimulatie (FES) van de peroneus zenuw is een van de mogelijke behandelmogelijkheden ter correctie van de sleepvoet. Alhoewel FES al meer dan veertig jaar bestaat, wordt het nog steeds niet wereldwijd toegepast en blijft het aantal behandelde patiënten relatief klein. Meerdere redenen kunnen hiervoor verantwoordelijk zijn, zoals technische beperkingen en de onbekendheid omtrent het gebruik van FES in vele landen. Tevens is er nog steeds geen hard bewijs voor de positieve klinische effecten van deze behandeling. Bovendien is tot op heden nooit onderzocht welke extra waarde een peroneus stimulatiesysteem heeft ten opzichte van de gangbare behandeling voor CVA-patiënten, namelijk een passieve orthese.

Het doel van het promotieonderzoek van Anke Kottink-Hutten was om bij te dragen aan een meer evidence based revalidatieprogramma voor CVA-patiënten met betrekking tot de behandeling van een sleepvoet middels FES. Een gerandomiseerde gecontroleerde studie (RCT) is uitgevoerd waarin het effect van een implanteerbare twee-kanaals peroneus stimulator, de STIMuSTEP, op stoornisniveau, beperkingniveau en kwaliteit van leven werd geëvalueerd in vergelijking met het effect van de conventionele behandeling, die in de meeste gevallen een enkel-voet orthese (EVO) is. Samenvattend komt uit de resultaten naar voren dat de STIMuSTEP een klinisch effectief systeem is voor een geselecteerde groep CVA-patiënten met een sleepvoet. Er is geen wetenschappelijk bewijs gevonden voor de aanwezigheid van een therapeutisch effect na het gebruik van de implanteerbare twee-kanaals peroneus stimulator. Echter, wanneer deze neuroprothese wordt vergeleken met de gebruikelijke behandelmethode, wordt een klinisch relevant orthetisch effect van de neuroprothese op mobiliteit, enkel-kinematica en kwaliteit van leven gevonden.

Promotoren zijn respectievelijk prof. dr. ir. H.J. Hermens, tevens clustermanager bij RRD en prof. dr. M.J. IJzerman. De verdediging vindt plaats in gebouw de Spiegel van de Universiteit Twente, Drienerlolaan 5 in Enschede, aanvang 16.30 uur.

Na haar promotie blijft Anke Kottink-Hutten werkzaam als onderzoeker bij RRD op het gebied van de neurostimulatie en robotrevalidatie.

Publicatiedatum: 1-2-2010

 


 

Inaugurele Rede Miriam Vollenbroek: ‘Zorg op afstand Dichterbij'

 

Op donderdag 12 November 2009 zal Miriam Vollenbroek, clustermanager bij RRD, aan de Universiteit Twente te Enschede haar inaugurele rede getiteld ‘Zorg op afstand Dichterbij’ ter gelegenheid van haar ambtservaring als hoogleraar ‘Technology Supported Cognitive Training’.

Revalidatie en training buiten de muren van een zorginstelling is een van de mogelijkheden om het hoofd te bieden aan het groeiend aantal chronisch zieken. Monitoring op afstand, gekoppeld aan feedback die de patiënt motiveert, zorgt er straks voor dat patiënten thuis of op het werk effectiever kunnen werken aan hun gezondheid. Training in de thuissituatie - of op het werk - maakt het mogelijk om bijvoorbeeld verkeerde bewegingspatronen snel bloot te leggen en ook meteen feedback te geven op het gedrag van de patiënt. Tijdens de revalidatie in een zorginstelling krijgen patiënten die feedback voortdurend van zorgprofessionals, het is de kunst om de daar geleerde vaardigheden ook te vertalen naar de praktijk van alledag.

Binnen haar nieuwe leerstoel zal Miriam Vollenbroek nieuwe technologieën ontwikkelen om dit soort toepassingen mogelijk te maken. Deze technologieën zijn van belang om inde toekomst de druk op de intramurale zorg te verlichten. De huidige gezondheidszorg is niet berekend op de sterke groei van het aantal chronisch zieken en de combinatie van monitoring en feedback is juist voor deze groep een belangrijke innovatie die ook nog eens kostenbesparend kan werken.

Chronische pijn

Nu al wordt deze benadering getest in een Europees onderzoeksproject onder leiding van de nieuwe hoogleraar: patiënten met chronische pijnklachten dragen dan gedurende een aantal weken een hesje waarin sensoren zijn verwerkt die onder meer de spierspanning meten. Via een PDA of mobiele telefoon krijgen ze feedback op hun gedrag: bijvoorbeeld het advies zich te ontspannen. Niet alleen de technologie speelt hierin een rol, ook het type feedback is van belang: vel je bijvoorbeeld een waarde-oordeel of informeer je de patiënt vooral feitelijk? Hoe motiveer je de patiënt om door te gaan met de training? Daarnaast kan het nooit alleen maar een technisch hulpmiddel zijn; persoonlijk contact met de zorgverlener blijft onderdeel van het trainingsprogramma. In haar leerstoel wil Miriam Vollenbroek-Hutten al deze aspecten van ‘technology-supported training’ onderzoeken.

Miriam Vollenbroek-Hutten (1971) studeerde Biomedische Gezondheidswetenschappen in Nijmegen. Zij is al sinds 1993werkzaam bij RRD, waarvan de laatste 7 jaar als clustermanager Techology Assisted Painrehabilitation. Miriam promoveerde in 1999 aan de Universiteit Twente op een onderzoek naar meetmethoden voor chronische pijnklachten.

De leerstoel ‘Technology Supported Cognitive Training’ is ingesteld door Roessingh Research and Development. Door deze leerstoel wordt de samenwerking tussen Roessingh Research and Development en de Universiteit Twente nog verder versterkt.

De rede van Miriam vindt plaats op donderdag 12 november in zaal C101 in gebouw de Horstvan de Universiteit Twente. Aanvang is om 16.00 uur.

Publicatiedatum: 9 november 2009

 


.

Wederom een wetenschappelijke promotie bij RRD

Op 6 november promoveert Marije Vos - van der Hulst, onderzoeker bij RRD als afsluiting van haar onderzoek naar voorspellende factoren en onderliggende mechanismen bij chronische, lage rugpijn.

Aspecifieke chronische lage rugpijn wordt veelal benaderd vanuit een biopsychosociaal perspectief en behandeld in multidisciplinaire setting. Om de effectiviteit van revalidatiebehandeling te vergroten is er echter meer inzicht nodig in de biopsychosociale kenmerken van patiënten met chronische lage rugpijn. Zo zal kennis van voorspellende factoren en onderliggende mechanismen bijdragen aan een betere fit van een patiënt aan een specifieke behandeling.

Uit het proefschrift blijkt dat zowel de hoeveelheid pijn als gedachten en omgang met pijn (coping strategieën) belangrijke voorspellende factoren zijn voor uitkomst van een revalidatiebehandeling. De voorspellende waarde is echter vrij laag. Dit betekent dat er onvoldoende bewijs is om de clinicus een bruikbaar instrument te geven om de patiënt vóór aanvang te selecteren voor de meest geschikte behandeling.

Daarnaast is er bewijs gevonden voor fysieke veranderingen in patiënten ten opzichte van proefpersonen zonder pijn. Bij patiënten is de activiteit van de oppervlakkige rug en buikspieren tijdens lopen verhoogd. De hoeveelheid rugspieractiviteit blijkt bovendien gerelateerd aan de gedachten over- en omgang met de pijn. Patiënten met negatieve gedachten over de pijn vertonen meer spierspanning en die met afleidende gedachten en gedrag een betere ontspanning.
Deze verhoogde spierspanning (‘guarding’) kan enerzijds een als beschermingsmechanisme voor de rug zijn, of anderzijds een mechanisme dat chronische pijn in stand houdt.

Promotoren zijn prof. dr. M.M.R. Vollenbroek en Prof. Dr. H.J. Hermens, beide zowel verbonden aan RRD als ook aan de Universiteit Twente. Het proefschrift van Marije Vos – van der Hulst is getitled: ‘Prognostic factors and underlying mechanisms in chronic low back pain’. De openbare verdediging van het promotie onderzoek vindt plaats op vrijdag 6 November in gebouw De Spiegel van de Universiteit Twente, Drienerlolaan 5 in Enschede, aanvang 14.45 uur.

De promotie van Marije Vos - van der Hulst valt samen met de afronding van haar opleiding tot revalidatiearts binnen Revaliatiecentrum het Roessingh. Inmiddels is Marije werkzaam als revalidatiearts in de Sint Maartenskliniek en het Canisius - Wilhelmina Ziekenhuis te Nijmegen.

Publicatiedatum: 2 november 2009

 


.

Veni-aanvraag toegekend aan Dr. ir. Laura Kallenberg

Op woensdag 28 oktober is bekend gemaakt dat NWO een Veni-subsidie heeft toegekend aan Dr. ir. Laura A. C. Kallenberg, werkzaam bij Roessingh Research and Development. Ze krijgt de prestigieuze subsidie van 250.000 euro voor haar onderzoeksvoorstel getiteld “Hi-Sense: High-density Surface Electromyography for non-invasive sensing of neuromuscular control”.

Het onderzoek zal zich richten op het herstel van het bewegen na een centraal-neurologische aandoening, zoals bijv. een herseninfarct. Een centraal-neurologische aandoening heeft vaak grote gevolgen voor de bewegingssturing doordat de aansturing van de spieren is aangedaan: ruim 30% van de patiënten met een herseninfarct blijft in aanzienlijke mate beperkt in het bewegen.

Om patiënten met een centraal-neurologische aandoening optimaal te kunnen behandelen is het noodzakelijk om de herstelmechanismen na een herseninfarct goed te begrijpen. Dit herstel vindt voornamelijk plaats in de eerste weken na het letsel. Om dit goed in kaart te brengen is een betrouwbare en gevoelige methode nodig die spiereigenschappen en de aansturing van de spieren vanuit de hersenen kan kwantificeren. Het meten van de electrische signalen van spieren op de huid (elektromyografie, EMG) is de enige manier om spieractiviteit te meten aan de buitenkant van het lichaam. Met conventionele methodes wordt dan een globaal beeld van de spieren en het centraal zenuwstelsel verkregen. Voor een meer gedetailleerd beeld kan er met een naald in de spier gemeten worden. Deze methode is echter niet goed reproduceerbaar. Met een nieuwe techniek waarmee een aantal rijen kleine electrodes dicht naast elkaar worden geplaatst op de huid (high-density oppervlakte-EMG) kan een heel gedetailleerd beeld van het functioneren van het centraal zenuwstelsel worden verkregen zonder dat naalden nodig zijn. Doel van het onderzoek is tweeledig: 1) het verder ontwikkelen van een methode waarmee neuromusculaire aansturing gedetailleerd en niet-invasief onderzocht kan worden, en 2) het toepassen van deze methode om herstel na centraal-neurologische aandoeningen in kaart te brengen.

Het onderzoek wordt uitgevoerd door Dr. Ir. Laura Kallenberg gedurende een periode van drie jaar.

Publicatiedatum: 30 oktober 2009


.

Drie wetenschappelijke promoties bij RRD

In oktober sluiten drie promovendi van Roessingh Research and Development (RRD), het onderzoeksinstituut van Het Roessingh te Enschede, hun promotieonderzoek af met het verdedigen van hun proefschrift aan de Universiteit Twente.

Met deze promoties laat RRD zien dat het instituut nog altijd prominent aanwezig is op gebied van onderzoek en ontwikkeling in de revalidatiesector. Het Roessingh als geheel slaat hiermee een enorme brug tussen wetenschap en klinische praktijk.

2 oktober: promotie van Judith Fleuren over spasticiteit

Het proefschrift van Judith Fleuren is getiteld: ‘Assessment of spasticity; from EMG to patients’ perception’. Spasticiteit is een fenomeen dat vaak voorkomt bij patiënten met letsel van het centraal motor neuron (CMN), zoals een beroerte, multiple sclerose of een dwarslaesie. Het wordt omschreven als ‘verstoorde sensomotore regulatie na een centraal neurologisch letsel, dat zich presenteert als intermitterende of aanhoudende onwillekeurige spieractivatie’. Bij patiënten met een CMN-letsel kan spasticiteit leiden tot problemen in de bewegingsaansturing. Om deze op de juiste wijze te behandelen is het van belang spasticiteit op een goede manier te meten en te kwantificeren. Bij het betrouwbaar meten van spasticiteit in de klinische praktijk komt men echter divers problemen tegen. Het blijkt complex en is situatie afhankelijk. Tot op heden is er in de medische literatuur dan ook geen overeenstemming over welke methode het beste is in welke situatie. In het proefschrift van Judith Fleuren worden verschillende meetmethoden voor spasticiteit (Ashworth schaal, VAS, Borg) onderzocht met behulp van neurofysiologische (oppervlakte EMG) en biomechanische metingen (hand-held dynamometrie). De belangrijkste conclusies uit het onderzoek zijn (1) dat de Ashworth schaal, een veel gebruikte klinische test, onvoldoende valide en betrouwbaar is voor het meten van spasticiteit, (2) dat gestandaardiseerde scores voor ervaren spasticiteit door patiënten zelf een zinvolle aanvulling zijn en (3) dat gebruik van oppervlakte EMG meer inzicht kan geven in de werkelijke mate van spasticiteit en verloop van spasticiteit over de dag.

Promotoren zijn prof. dr. ir. H.J. Hermens en prof. dr. J.S. Rietman. Assistent promotor is dr. G.J. Snoek.De verdediging vindt plaats in gebouw De Spiegel van de Universiteit Twente, Drienerlolaan 5 in Enschede, aanvang 13.00 uur.

De promotie van Judith Fleuren valt samen met de afronding van haar opleiding tot revalidatiearts. Na haar promotie blijft zij werkzaam als revalidatiearts in Het Roessingh, centrum voor revalidatie en zet zij ook haar onderzoek op het gebied van de spasticiteit binnen RRD voort.

8 oktober: promotie van Jasper Reenalda over decubitus

Het proefschrift van Jasper Reenalda is getiteld: ‘Dynamic sitting to prevent pressure ulcers in spinal cord injured’. Decubitus, ook wel doorliggen genoemd, is een groot probleem in de rolstoelgebonden patiëntpopulatie, getuige de hoge incidentie en prevalentie cijfers. Ondanks klinische en wetenschappelijk inspanningen is er nog steeds veel onbekend over het ontstaan van decubitus. Het proefschrift van Jasper Reenalda stelt een andere benadering in de preventie van decubitus voor. Het is duidelijk dat mensen zonder sensorische en motorische beperkingen geen decubitus oplopen tijdens langdurig zitten door een continue variatie in zithouding en ondersteuning. Dit ‘gezond’ zitgedrag heeft een dynamisch karakter en kan als referentie gebruikt worden voor het wenselijke en optimale zitgedrag van rolstoelgebruikers met een verhoogd risico op decubitus. Een analyse van gezond zitgedrag toonde aan dat gezonde personen eens per 8 minuten van zithouding veranderen om het weefsel te ontlasten. Deze frequentie is hoger dan de huidige aanbevolen repositiefrequentie voor personen met een verhoogd risico op decubitus. De huidige richtlijn dient op basis van de resultaten van dit onderzoek dan ook te worden herzien. Gezien het feit dat rolstoelgebruikers met een beperkte motoriek zelf niet of onvoldoende kunnen verzitten, is een experimentele zitopstelling ontwikkeld, de zogenaamde Dynasit-stoel, die dynamisch zitgedrag kan opleggen door het geautomatiseerd aanbieden van elke gewenste zithouding en ondersteuning. In dit onderzoek kon worden aangetoond dat het mogelijk is om door middel van de Dynasit-stoel dynamisch zitgedrag op te leggen volgens de referentiemaat voor ‘gezond’ dynamisch zitgedrag. Het opgelegde dynamisch zitgedrag resulteerde in significante toenames in de doorbloeding van zowel de huid als het onderhuidse weefsel in een groep mannelijke dwarslaesiepatiënten. Als gevolg van deze toegenomen doorbloeding zouden rolstoelgebruikers gedurende langere perioden in een rolstoel kunnen zitten zonder weefselschade. Dynamisch zitgedrag kan derhalve als een effectieve strategie ingezet worden in de preventie van decubitus.

Promotoren zijn prof. dr. J.S. Rietman en prof. dr. M.J. IJzerman. Assistent promotor is dr. M. Jannink. De verdediging vindt plaats in gebouw De Spiegel van de Universiteit Twente, Drienerlolaan 5 in Enschede, aanvang 14.45 uur.

Na zijn promotie blijft Jasper Reenalda werkzaam als onderzoeker bij RRD op het gebied van de sportrevalidatie.

15 oktober: promotie van Gerdienke Prange over CVA

Het proefschrift van Gerdienke Prange is getiteld: ‘Rehabilitation Robotics - Stimulating restoration of arm function after stroke’. Een cerebrovasculair accident, ook wel CVA of beroerte genoemd, is een van de belangrijkste oorzaken van permanente invaliditeit. In Nederland worden jaarlijks 250 van de 100.000 mensen getroffen door een CVA. Een CVA kan leiden tot een beschadiging van de zenuwbanen van de hersenen naar het ruggenmerg met als gevolg uitval van allerlei lichamelijke functies. Zestig procent van de CVA-patiënten heeft na de beroerte een aanzienlijke beperking in het dagelijkse leven als gevolg van een beperkte arm- en handfunctie. De revalidatiebehandeling van deze patiënten is erop gericht om deze beperkingen te minimaliseren. De hedendaagse revalidatiebehandeling bestaat uit een aantal sleutelaspecten: actieve initiatie en uitvoering van beweging, hoge trainingsintensiteit en toepassing van functionele oefeningen. Dankzij technologische innovaties is het mogelijk behandelingen te ontwikkelen die zich richten op deze sleutelaspecten. Een veelbelovende toepassing is het gebruik van revalidatierobots als aanvulling op conventionele therapie omdat ze in staat zijn om op een slimme manier kracht te leveren. Bewegingen kunnen worden opgelegd, de patiënt kan geassisteerd worden bij het maken van bewegingen, of er kan juist weerstand worden opgelegd tegen de beweging van de patiënt in.
In haar promotieonderzoek heeft Gerdienke Prange onderzocht op welke manier revalidatierobotica een waardevolle aanvulling kan vormen op de reguliere revalidatiezorg voor mensen met een verminderde armfunctie na een beroerte. Zo blijkt dat het op een slimme manier ondersteunen van de arm tijdens training leidt tot een verbetering van het zelfstandig reiken. Dit komt tot uiting in een groter bewegingsbereik en een hogere activiteit van spieren rond de elleboog en de schouder. Opmerkelijk is dat dit mogelijk bleek met een relatief eenvoudig apparaat, zonder dat zeer complexe robotische systemen nodig zijn. De inzet van zulke veelbelovende, relatief simpele en goedkope apparaten, in combinatie met interactieve spellen, maakt het mogelijk om meer patiënten te laten trainen onder supervisie van één therapeut, wat grote voordelen biedt voor toepassing in de klinische praktijk.

Promotoren zijn resp. prof. dr. ir. H.J. Hermens en prof. dr. M.J. IJzerman. Assistent-promotor is dr. M.J.A. Jannink. De verdediging vindt plaats in gebouw De Spiegel van de Universiteit Twente, Drienerlolaan 5 in Enschede, aanvang 14.45 uur.

Gerdienke Prange zet haar onderzoek op het gebied van de robotrevalidatie na haar promotie voort binnen RRD.

Publicatiedatum: 1 oktober 2009

Top

.

Leerstoel voor Miriam Vollenbroek-Hutten

Thuis revalideren dankzij nieuwe technologie die feedback geeft

Miriam Vollenbroek is aan de Universiteit Twente benoemd tot bijzonder hoogleraar Technology supported cognitive training for rehabilitation. Revalidatie en training búiten de muren van een zorginstelling is een van de mogelijkheden om het hoofd te bieden aan het groeiend aantal chronisch zieken. Monitoring op afstand, gekoppeld aan feedback die de patiënt motiveert, zorgt er straks voor dat patiënten thuis of op het werk effectiever kunnen werken aan hun gezondheid.

Training in de thuissituatie - of op het werk - maakt het mogelijk om bijvoorbeeld verkeerde bewegingspatronen snel bloot te leggen en ook meteen feedback te geven op het gedrag van de patiënt. Tijdens de revalidatie in een zorginstelling krijgen patiënten die feedback voortdurend van zorgprofessionals, het is de kunst om de daar geleerde vaardigheden ook te vertalen naar de praktijk van alledag. De nieuwe technologie is daarnaast een manier om de druk op de intramurale zorg te verlichten. De huidige gezondheidszorg is niet berekend op de sterke groei van het aantal chronisch zieken en de combinatie van monitoring en feedback is juist voor deze groep een belangrijke innovatie die ook nog eens kostenbesparend kan werken.

Chronische pijn
Nu al wordt deze benadering getest in een Europees onderzoeksproject onder leiding van de nieuwe hoogleraar: patiënten met chronische pijnklachten dragen dan gedurende een aantal weken een hesje waarin sensoren zijn verwerkt die onder meer de spierspanning meten. Via een PDA of mobiele telefoon krijgen ze feedback op hun gedrag: bijvoorbeeld het advies zich te ontspannen. Niet alleen de technologie speelt hierin een rol, ook het type feedback is van belang: vel je bijvoorbeeld een waarde-oordeel of informeer je de patiënt vooral feitelijk? Hoe motiveer je de patiënt om door te gaan met de training? Daarnaast kan het nooit alleen maar een technisch hulpmiddel zijn; persoonlijk contact met de zorgverlener blijft onderdeel van het trainingsprogramma. In haar nieuwe leerstoel wil Miriam Vollenbroek-Hutten al deze aspecten van ‘technology-supported training’ onderzoeken.

Miriam Vollenbroek-Hutten is sinds 1993 werkzaam bij RRD, op dit moment als clustermanager Technology Assisted Pain (TAP) rehabilitation. Zij studeerde Biomedische Gezondheidswetenschappen in Nijmegen en promoveerde in 1999 aan de Universiteit Twente op een onderzoek naar meetmethoden voor chronische pijnklachten.

Publicatiedatum: 29 januari 2009

Top

.

.

2

Revalidatietechnologie … de verbeelding voorbij!

 
Jubileum Congres, Het Roessingh 60 jaar

Vrijdag 12 december 2008, Cinestar te Enschede

 

De Bionische mens? De revalidatierobot? Een patiënt behandelen zonder dat je daarbij zelf aanwezig bent? Is dit verbeelding of binnenkort werkelijkheid?

Het Roessingh viert dit jaar haar 60-jarig bestaan en is inmiddels uitgegroeid tot een groot concern. Al ruim 25 jaar doet Roessingh Research and Development toepassingsgericht onderzoek, in nauwe samenwerking met de Universiteit Twente. Het doel is om de kwaliteit van leven van mensen met beperkingen te verhogen en de revalidatie van patiënten te verbeteren. De implementatie van nieuwe toepassingen bij andere revalidatiecentra is daarbij essentieel.

Welke innovaties kunt u de komende 5 jaar verwachten?

U ziet op dit jubileumcongres welke technologische toepassingen u de komende jaren in de revalidatiepraktijk kunt verwachten. Op het Technology Experience Plein kunt u alvast de nieuwste ‘snufjes’ uitproberen, zoals:

  • nieuwe thuistrainingsmethoden met Robotica en Virtual Reality
  • effectieve behandeling op afstand

  • teleconsultatie met collega’s
  • geavanceerde diagnostiekmethoden

Laat u zich verder bijpraten over de allerlaatste ontwikkelingen in de revalidatietechnologie. Èn maak kennis met een grote diversiteit aan wetenschappelijke innovaties die op doorbreken staan!

Voor wie?

Dit congres is bedoeld voor revalidatieartsen, neurologen, orthopeden, fysiotherapeuten, ergotherapeuten, huisartsen, orthopedisch instrumentmakers, gezondheid- en bewegingswetenschappers, onderzoekers, biomedisch ingenieurs en beleidsmakers die in de revalidatie of bij zorgverzekeraars werken.

Informatie

Voor aanvullende informatie kijk op www.rrd.nl/jubileumsymposium of neem contact op met:

Dr. G.J. van Hoytema Stichting
Postbus 89
7500 AB Enschede
Tel. 053-4892409
Fax. 053-4340251
e-mail: hoytema@div.utwente.nl

3
4
5

Top

.

Roessingh ontvangt Internationale Wetenschappelijke top op het gebied van de ambulante bewegingsregistratie

Vanaf woensdag 28 oktober t/m vrijdag 30 oktober organiseert Roessingh Research and Development (RRD), het wetenschappelijk instituut van revalidatiecentrum het Roessingh te Enschede, het 10de internationale congres over 3D-analyse van menselijke beweging: 3DMA-08.

De analyse van de menselijke beweging, bewegings- of gangbeeldanalyse, speelt een belangrijke rol tijdens de revalidatie van patiënten. Tot voor kort was bewegingsanalyse slechts mogelijk in speciaal daarvoor ingerichte, vaak wetenschappelijk georiënteerde, onderzoekslaboratoria. Dankzij de hedendaagse techniek komen er steeds meer eenvoudige en draagbare (ambulante) toepassingen ter beschikking die tijdens de reguliere behandeling van patiënten alsmede in de werk- en thuissituatie kunnen worden ingezet. Wetenschappers vanuit de hele wereld verzamelen zich op het 3DMA-congres 2-jaarlijks om informatie uit te wisselen over nieuwe en verbeterde methoden en toepassingen in dit vakgebied.

Het wetenschappelijke congres met als thema 'Fusion Works!' belooft veel innovatieve bijdragen die het mogelijk moeten maken om ook overal buiten het gespecialiseerde bewegingsanalyse laboratorium menselijke beweging in hoog detail vast te leggen met relatief goedkope en weinig hinderende middelen. Dit maakt een explosieve (schaal)vergroting van de toepassingsmogelijkheden mogelijk. Het Nederlandse FreeMotion onderzoeksconsortium onder leiding van de 'sectie Ambulante 3D Analyse van Beweging' van RRD is op dit gebied een van de toonaangevende groepen in de wereld.

Met deze ambulante methoden kan in de nabije toekomst elke fysiotherapeut of revalidatiearts objectiever en preciezer vaststellen wat de optimale route naar functieherstel bij een hersenbloeding is. Of hij kan beter de voortgang volgen van de revalidatie van patiënten met een nieuwe kruisband. Ook wordt het mogelijk om op de werkvloer te volgen welke fysieke belasting van de rug de inrichting van de werkplek of het gedrag van de werknemer tot gevolg heeft. Hiermee kunnen risico's voor werkgerelateerde (rug)klachten worden opgespoord en verminderd. Sportcoaches kunnen de nieuwe methoden gebruiken om beter te volgen of hun sporters wel optimaal bewegen, bijvoorbeeld op een laptop aan de waterkant tijdens de roeitraining op het water.

Het 3DMA-08 congres vindt plaats van 28 tot en met 31 oktober op landgoed Duin en Kruidberg te Santpoort boven Amsterdam. Informatie en programma zijn te vinden op: http://www.3DMA-08.org.

Publicatiedatum: 27 oktober 2008

Top

.

Roessingh opent haar deuren i.v.m. 60-jarig bestaan

Op zaterdag 21 juni zal het Roessingh haar deuren openen voor belangstellenden die een kijkje willen nemen in de veelzijdige wereld van de revalidatie.
Aanleiding is het 60-jarig bestaan van het Revalidatiecentrum. Tijdens de Open Dag is het mogelijk mogelijk om de verschillende bedrijfsonderdelen te bezoeken, zelf onderzoeken te ondergaan en apparaten uit te proberen. Voor kinderen is er van alles te doen. De open dag begint om 11.00 uur en duurt tot 15.00 uur. Locatie: Roessingsbleekweg 33, 33b en 167 te Enschede.
Een uitgebreid programma kunt u hier downloaden.

Publicatiedatum: 10 juni 2008

Top

.

Dynasit stoel geselecteerd als finalist in de RESNA 2008 Student Design Competition

Het ontwerp van de ‘Dynasit’ stoel is geselecteerd als één van de vijf finalisten in de RESNA (Rehabilitation Engineering Society of North America) Student Design Competition. Deze competitie zal worden gehouden tijdens de 2008 RESNA conferentie in Washington DC, van 26 tot en met 30 juni.

De Dynasit stoel is een experimentele zitopstelling waarmee het mogelijk is om dynamisch zitgedrag op te leggen aan (rolstoelgebonden) personen met een beperkte rompstabiliteit. Mensen met een beperkte rompstabiliteit, bijvoorbeeld als gevolg van een dwarslaesie, zitten vaak langdurig in een statische en passieve houding. Dit levert op den duur zitgerelateerde klachten op zoals decubitus en lage rugpijn. Mensen met voldoende rompstabiliteit veranderen continue van houding en zitten hierdoor dynamisch. Als gevolg van dit dynamische zitgedrag wordt het weefsel steeds op een andere manier belast en worden problemen voorkomen. Dit dynamische zitgedrag kan als referentie dienen ter preventie van decubitus bij mensen met een beperkte rompstabiliteit. Door de Dynasit stoel op een dynamische manier van houding, bekkenstand en ondersteuning te laten wisselen, kan dynamisch zitgedrag worden opgelegd.
 
De Dynasit stoel is ontwikkeld binnen het Dynasit project. Dit project wordt gesubsidieerd door SENTER (programma T&S). Het Dynasit consortium wordt gevormd door Roessingh Research and Development, het Biomedisch Technologisch Instituut (BMTI) van de Universiteit Twente, Demcon, Welzorg Special Products en PR-Sella. Onderzoekers Jasper Reenalda (RRD) en Paul van Geffen (BMTI) zullen het design van de stoel presenteren tijdens de RESNA conferentie. Verder zullen zij bij deze conferentie nog een posterpresentatie en een platformsessie verzorgen.

Finalisten in de RESNA 2008 Student Design Competition krijgen een tegemoetkoming in de reiskosten naar de conferentie, 4 nachten verblijf in het congreshotel, gratis deelname aan het congres en één jaar lidmaatschap van de RESNA. Op basis van een tweetal presentaties en een postersessie zal uit de vijf finalisten een winnaar worden gekozen. Meer informatie over RESNA, de RESNA Annual Conference en de RESNA Student Design Competition kan worden gevonden op www.resna.org

Publicatiedatum: 2 juni 2008.

Top

.

Hardlopers het Roessingh bereiden zich voor op 10 km / halve marathon van Enschede

Een groep van zo’n 20 Roessingh medewerkers is zich gezamenlijk aan het voorbereiden voor de 10 km of de halve Marathon van Enschede op zondag 27 april a.s.  De groep wordt begeleid door RRD onderzoeker Jasper Reenalda, zelf semi-professioneel triatleet. Sinds November komt de groep een maal per maand op zaterdagochtend bij RRD bij elkaar voor een heuse clinic. Deze clinic bestaat meestal eerst uit een theoretisch deel, gevolgd door een uurtje hardlopen in de bossen tussen het Roessingh en de UT. Tussen de clinics werkt elke loper zo goed en zo kwaad mogelijk het  persoonlijke door Jasper opgestelde trainingsschema af. In dit schema wisselen intervaltrainingen, vaartspellen, duurlopen en gelukkig ook herstellopen elkaar op een evenwichtige maar opbouwende wijze af om zodoende een optimaal trainingsresultaat te bereiken. Naar verwachting zullen er 2 teams gaan deelnemen aan de 10 km van Enschede en 1 team aan de halve marathon. De teams worden gesponsord door RRT/RDG en RRD.

Enkele deelnemers zullen over 2 weken al deelnemen aan de halve marathon van Hengelo.


Boven (van links naar rechts): Jasper Reenalda, Kees Mulder, Jans Ties, Ruben Wassink, Jan Hindrik Smeding.
Laurens Bervoets, Hanneke van Genderen, Birgit Molier, Bart Freriks.

Onder: Ruud Kolthof, Jaap Buurke, Richard Evering, Wiebe de Vries, Jurriaan van Hengel.

Top

.

Roessingh en RRD behouden erkenning Innovatiecentra Pijnrevalidatie en Revalidatietechnologie in 2008

Op dinsdag 18 december jl. vond de stemming plaats over alle amendementen en begrotingen van de Rijksoverheid. Bij de begroting van VWS is gestemd over het amendement Koşer Kaya (D66), Schermers (CDA) en Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie) voor het behoud van de WBMV subsidie voor de Revalidatie Innovatiecentra. Tot onze grote vreugde heeft de Tweede Kamer besloten het amendement te steunen. Daarmee blijft de erkenning van Het Roessingh als Innovatiecentrum voor Pijnrevalidatie en Revalidatietechnologie en de daarbij behorende subsidie in 2008 behouden. Tegelijk is de kamerbrede steun een opsteker omdat daarmee naar verwachting de periode overbrugd wordt naar een meer structurele bekostiging van innovatie in de revalidatie dankzij de invoering van de vergoedingsregeling Diagnose Behandeling Combinatie (DBC) die als het goed is binnen de revalidatiesector in 2009 wordt ingevoerd.

Dankzij de continuering van de erkenning kunnen Het Roessingh en RRD ook in 2008 doorgaan met het implementeren van vernieuwingen in de revalidatiezorg en het verspreiden van de kennis en ervaring die daarbij opgedaan wordt.

Publicatiedatum: 20 december 2008

Top

.

Promotie Rianne Huis in ‘t Veld: Work-related neck-shoulder pain: the role of cognitive-behavioural factors and remotely supervised treatment.

Op vrijdag 14 december heeft Rianne Huis in ’t Veld haar proefschrift getiteld ‘Work-related neck-shoulder pain: the role of cognitive-behavioural factors and remotely supervised treatment’ verdedigd aan de Universiteit Twente. Promotor was Prof. Hermie J. Hermens en assistent promotor was dr. Miriam Vollenbroek-Hutten, beide verbonden aan Roessingh Research & Development.

Nek-schouder klachten als gevolg van computerwerk vormen een groot sociomedisch en economisch probleem, omdat het een aanzienlijk deel van de werkende populatie treft. Deze klachten komen het meest voor bij oudere vrouwelijke medewerkers. In Nederland worden mensen met nek-schouder klachten veelal behandeld met medicatie (zoals spierverslappers), ergonomische werkplek-aanpassingen en fysiotherapie. Hoewel deze interventies bij een gedeelte van de mensen een gunstig effect hebben, blijven de klachten en beperkingen bij een aanzienlijk deel van de mensen bestaan.

Het doel van het proefschrift van Rianne Huis in ’t Veld was een bijdrage te leveren aan het vergroten van de effectiviteit en efficiëntie van behandelingen voor mensen met nek-schouder klachten die gerelateerd zijn aan computerwerk door 1) beter begrip te krijgen van de rol van cognitef-gedragsmatige factoren in het ontstaan en in stand houden van nek-schouder klachten en 2) de haalbaarheid van een hoog-intensieve en innovatieve behandeling, zijnde een op afstand gesuperviseerde myofeedback behandeling, te onderzoeken.

Literatuur onderzoek laat zien dat cognities een belangrijke rol spelen bij het ontstaan en in stand houden van pijn en pijn gedrag. In het eerste gedeelte van het proefschrift wordt aangetoond dat er verschillende manieren zijn waarop mensen met nek-schouder klachten met hun pijn omgaan (de zogenaamde coping-strategieeen) en dat het mogelijk is 3 coping profielen te onderscheiden. Geconcludeerd kan worden dat maladatieve cognities en subgroep–specifieke coping-strategieen mogelijk een belangrijke rol spelen in nek-schouder klachten als gevolg van computer werk bij oudere vrouwelijke werknemers.
In het tweede gedeelte van het proefschrift wordt uitgebreid ingegaan op de mogelijke acceptatie en effectiviteit van een op-afstand gesuperviseerde myofeedback behandeling. Door middel van deze myofeedback op afstand kan een meer toegespitst en hoog-intensieve behandeling worden aangeboden op de werkplek. De eerste evaluatie laat zien, dat deze behandeling technisch haalbaar is en veranderingen in de klinische uitkomst indiceert.

Rianne Huis in ’t veld is sinds 2001 verbonden aan Roessingh Research & Development. Naast haar promotieonderzoek is zij werkzaam geweest in een groot aantal projecten op gebied van de telemedicine: Telecare (Freeband Impuls), ExoZorg (SenterNovem), ALS teleconsultatie (Innovatiecentrum voor Revalidatie Technologoe), Smart Surroundings (BSIK), Awareness en Awareness Valorisatie (Freeband Communication) en Myotel. Na haar promotie zal zij haar werkzaamheden als onderzoeker voorzetten binnen RRD.

Publicatiedatum: vrijdag 14 december 2007.

Top

.

Oratie Hans Rietman: Een intelligente prothese is nog geen natuurlijke prothese

Op 31 mei 2007 heeft Hans Rietman, wetenschappelijk directeur van RRD, zijn intreerede gehouden als hoogleraar Revalidatiegeneeskunde en Technologie aan de Universiteit Twente. In de rede, getiteld ‘Vallen en opstaan’ is door Rietman een beeld geschetst over huidige en toekomstige ontwikkelingen op het gebied van de prothese- en orthesiologie.

Een beenprothese mag dan steeds beter in staat zijn zich aan te passen aan omstandigheden, een ‘normaal been’ wordt pas benaderd als de prothese op een natuurlijke wijze is aan te sturen door het lichaam. Technologie helpt daarbij in toenemende mate, er is bijvoorbeeld in de toekomst veel te verwachten van neuroprothesen en zelfs brain-computer interfacing.

‘Weer leren lopen’ betekent voor veel patiënten ‘weer participeren’, en ze zijn dan ook bereid daarin veel te investeren. Rietman gaat in zijn rede in op dit leerproces bij amputatiepatiënten. De technologische hulpmiddelen worden steeds geavanceerder, schetst hij: zo zijn er al microprocessorgestuurde kunstknieën en bestaan er al kunstvoeten die in staat zijn energie op te slaan. Toch zijn dit vooral vormen van ‘compensatie’ voor het verlies van een ledemaat. Het succes ervan valt of staat met de mogelijkheid tot motorisch (her)leren en de adaptieve mogelijkheden die de patiënt heeft. En ook bij dat leerproces kan technologie in toenemende mate helpen, bijvoorbeeld met Virtual Reality en robots die de patiënt helpen bij de training. Met het toenemende beroep op dit type zorg wordt het steeds belangrijker om niet alleen maar afhankelijk te zijn van 1-op-1 patiënt-therapeut oefeningen. Virtual Reality heeft daarnaast het voordeel dat ook situaties getraind kunnen worden die zich in de veilige klinische omgeving normaal gesproken niet voordoen.

Energie opslaan
Een prothese is nog lang niet vergelijkbaar met een normaal functionerend been. De patiënt moet in staat zijn te adapteren aan het gebruik van de prothese, bijvoorbeeld door spiergroepen van het niet aangedane been intensiever te gebruiken. Lopen kan dan nog steeds onevenredig veel energie kosten. Het probleem van energieopslag en energieoverdracht tussen de gewrichten is in prothesen nog lang niet opgelost; in onze gewone loopbeweging doen we dat automatisch. Maar bovenal heeft de patiënt niet het gevoel dat hij of zij de prothese zelf stuurt; die is niet geïntegreerd met diens neurale stelsel en geeft ook geen gevoelsprikkels terug.

Brain-computer koppeling
Op dat gebied is nog veel te winnen, stelt Rietman. In projecten van RRD en de UT en wordt bijvoorbeeld nu onderzoek gedaan naar de koppeling van de prothese met de fysiologisch motorsturing van het lichaam. Rietman verwacht daar veel van neurale prothesen, die uitgevallen functies van het zenuwstelsel vervangen. “Dankzij de snelle technische ontwikkelingen in de micro- en nanotechnologie gaan intraneurale stimulatie en selectievere aansturing tot de mogelijkheden behoren.” Nog een stap verder is brain-computer interfacing. Nu al kan een patiënt met een hoge dwarslaesie in een experimentele setting een cursor op een computerscherm besturen door louter hersengymnastiek. In de toekomst zou sensorische (gevoels)informatie direct naar de corresponderende hersenschorsgebieden gekoppeld kunnen worden. Daarnaar wordt onderzoek gedaan in het BrainGain consortium waarin ook de UT participeert en dat recent een Smart Mix-subsidie mocht ontvangen. Tot slot noemt Rietman de groeiende rol van zorg op afstand (Telemedicine).

De tekst van zijn rede ‘Vallen en opstaan’ is hier te downloaden.

Publicatiedatum: 31 mei 2007

Top

.

Hans Rietman benoemd tot Wetenschappelijk Directeur RRD

Met ingang van 1 juni 2007 wordt Hans Rietman benoemd als wetenschappelijk directeur van RRD. Hans Rietman is sinds januari 2006 in dienst bij Het Roessingh. Vanuit Het Roessingh is hij 2 dagen per week werkzaam als revalidatiearts in het Medisch Spectrum Twente (MST). Tevens bekleedt hij de leerstoel Revalidatiegeneeskunde en -technologie binnen de vakgroep Bio-signalen en systemen (BSS) van de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica van de Universiteit Twente (UT).

Met de komst van Hans Rietman verwacht RRD haar unieke positie als liaison tussen de revalidatiegeneeskunde en de academische onderzoekswereld verder te versterken en de uitdagingen waar zij de komende jaren voor staat nog beter te kunnen realiseren. Deze benoeming is tevens een belangrijke stap m.b.t. de academiseringsambities van Het Roessingh.

Hans Rietman zal zijn nieuwe functie aanvangen op 1 juni 2007, de dag nadat hij op de UT zijn oratierede getiteld ‘Vallen en Opstaan’ zal uitspreken (Amfitheater gebouw de Vrijhof, donderdag 31 mei 2007, aanvang 16.00 uur).

Publicatiedatum: 24 mei 2007

Top

.

Wederom prijs voor Telefysi

Op dinsdag 24 april heeft is tijdens een feestelijke bijeenkomst op de Overheid & ICT beurs in Den Haag de prijs i.v.m. het winnen van de prijsvraag van het Actieprogramma Maatschappelijke Sectoren & ICT (M&ICT) uitgereikt.

Het Actieprogramma M&ICT wil maatschappelijke vraagstukken aanpakken door een betere benutting van ICT- toepassingen en –diensten in de sectoren mobiliteit, onderwijs, veiligheid en zorg. Het Kabinet ondersteunt het actieprogramma en de daaraan gekoppelde meerjarige ‘dynamische agenda’ voor meer en slimmer gebruik van ICT. Het actieprogramma is tot stand gekomen door intensieve samenwerking van de departementen van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Justitie, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Verkeer en Waterstaat, Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Economische Zaken

 

De prijs werd uitgereikt door Mark Frequin, directeur generaal van het Directoraat Generaal voor Energie en Telecom van Economische Zaken.

Voor de prijsvraag is door RRD samen met de partners een voorstel ingediend dat de landelijke opschaling van het Telefysi concept omvat. Binnen het Telefysi concept kunnen kinderfysiotherapeuten beter gebruik maken van elkaars specifieke expertise door inzet van videoconsultatie. Hierdoor wordt de zorg voor kinderen met houdings- en bewegingsproblematiek efficiënter en beter. Bovendien wordt onnodig doorverwijzen van kinderen voorkomen. Doel van het voorstel is de huidige toepassing uit te rollen over zeven regio’s. Tevens zullen een aantal andere toepassingen worden ontwikkeld waarin video-teleconsultatie rondom complexe stoornissen aan het houdings-/bewegingsproject een rol zal spelen.

De prijs behelst 50% cofinanciering om het plan te kunnen uitrollen over zeven regio’s. Omvang van het project is circa 2 miljoen euro. Omvang co-financiering is bijna 1 miljoen euro.

Publicatie datum: 25 april 2007

Top

.

Promotie Laura Kallenberg: Multi-channel array EMG in chronic neck-shoulder pain

Op 30 maart 2007 is Laura Kallenberg gepromoveerd aan de Universiteit Twente op haar proefschrift getiteld ‘Multi-channel array EMG in chronic neck-shoulder pain’. Promotor was Prof. dr. ir. H.J. Hermens.

Chronische nek-schouderpijn is een belangrijk probleem dat voorkomt bij een substantieel deel van de populatie in de geïndustrialiseerde landen. Hoewel er verschillende risicofactoren geïdentificeerd zijn voor het ontstaan van chronische pijn, is het onderliggende werkingsmechanisme nog niet bekend. Er zijn verschillende pathofysiologische modellen die een verklaring zouden kunnen bieden voor het ontstaan van chronische pijn. Deze modellen hebben met elkaar gemeen dat ze veranderingen in bewegingssturing en/of spiersamenstelling en membraaneigenschappen voorspellen. De modellen beschrijven echter verschillende werkingsmechanismen en consensus omtrent de aard van de veranderingen in bewegingssturing ontbreekt.

Het doel van het promotieonderzoek was het onderzoeken van de bewegingssturing bij mensen met chronische pijn in vergelijking met gezonde mensen. Hiertoe is een nieuwe methode ontwikkeld waarmee spieractivatiepatronen met meer detail onderzocht kunnen worden. De spieractiviteit wordt gemeten met een nieuw type elektrode bestaande uit een matrix van contactpunten met een kleine onderlinge afstand. In combinatie met geavanceerde signaalverwerkingstechnieken is het mogelijk om hiermee de aansturing van de spier vanuit het centraal zenuwstelsel te meten.

Met deze methode is een studie naar bewegingssturing tijdens computertaken bij mensen met chronische pijn in vergelijking met gezonden mensen uitgevoerd. Tevens is de respons op een vermoeiende contractie onderzocht in beide groepen. Omdat klinische diagnostische instrumenten vaak geen afwijkingen laten zien bij mensen met chronische pijn werd in de volgende studie het discriminerend vermogen van de EMG-parameters onderzocht.

De resultaten suggereren dat een groter deel van de spier wordt geactiveerd bij mensen met chronische pijn. Dit is mogelijk een compensatie van een verlaagd vermogen van een deel van de spiervezels om kracht te genereren, potentieel veroorzaakt door beschadiging. Met combinatie van enkele parameters verkregen met de ontwikkelde methode bleek het mogelijk om een objectief onderscheid te maken tussen mensen met chronische pijn en gezonde mensen op het niveau van individuele proefpersonen.

Laura Kallenberg is sinds juli 2002 werkzaam bij RRD. Haar onderzoeksgebied richt zich op het niet-invasief meten van bewegingssturing bij neuromusculaire aandoeningen.

Publicatiedatum: 2 april 2007

Top

.

Promotie Gerlienke Voerman: Musculoskeletal neck-shoulder pain, a new ambulant myofeedback intervention approach

Op vrijdag 9 maart 2007 heeft Gerlienke Voerman haar proefschrift getiteld ‘Musculoskeletal neck-shoulder pain, a new ambulant myofeedback intervention approach’ verdedigd aan de Universiteit van Twente in Enschede. Promotor was Prof. dr. ir. H.J. Hermens; co-promotor was dr. M.M.R. Vollenbroek- Hutten.

Aanhoudende klachten aan het houding- en bewegingsapparaat in de nek-schouder regio kennen een hoge prevalentie en worden geassocieerd met hoge kosten voor de maatschappij. De meest prominente verklaring voor het ontstaan en in stand houden van nek-schouder klachten wordt gegeven door de Cinderella-hypothese. Deze hypothese veronderstelt dat niet zozeer hoge spieractivatie niveaus relevant zijn zoals vaak verondersteld werd, maar dat onvoldoende complete spierrelaxatie een veel belangrijker rol speelt bij de pathogenese en persistentie van nek-schouderklachten. Gebaseerd op deze hypothese is een nieuwe, ambulante myofeedbacktraining ontwikkeld, waarbij bij onvoldoende ontspanning van één der beide m. trapezius p. descendens feedback in de vorm van vibratie gegeven wordt aan de drager. Deze feedback moet ertoe bijdragen dat de drager zich bewust wordt van het gebrek aan ontspanning en hier op reageert door actief te ontspannen waardoor klachten mogelijk af kunnen nemen.

Het doel van het promotieonderzoek was om de effectiviteit en het werkingsmechanisme van deze myofeedbackbehandeling op nek-schouderklachten te onderzoeken, bij mensen met klachten gerelateerd aan werk of een trauma. De resultaten indiceren dat pijn en beperkingen na 4 weken ambulante myofeedbacktraining afnemen, klinisch relevant in ongeveer 50% van de patiënten, en dat dit effect beklijft tot tenminste zes maanden na beëindiging van de training. Hoewel de meerwaarde van de myofeedbacktraining ten opzichte van een bestaande interventie voor werk-gerelateerde nek-schouderklachten niet aangetoond is, lijkt myofeedbacktraining bij te dragen aan tertiaire preventie van klachten op de lange duur. Het exacte werkingsmechanisme van de interventie is nog niet helder maar het is evident is dat cognities en gedragsmatige factoren als catastroferen en angst- en vermijdingsgedachten een prominentere rol spelen dan spieractivatiepatronen. Behandelaars doen er in geval van een preoccupatie tot het ontkennen van pijnsensaties goed aan myofeedbacktraining aan te bieden.

Gerlienke Voerman is sinds mei 2001 werkzaam bij RRD. Naast haar promotieonderzoek is zij als junior onderzoeker actief betrokken geweest bij een aantal projecten op het gebied van pijn en spasticiteit. Na haar promotie zal Gerlienke haar onderzoek binnen RRD als onderzoeker voortzetten.

Publicatiedatum: 12 maart 2007

Top

.

ALS project genomineerd voor NITEL Telemedicineprijs

Op 26 januari j.l. is het ALS project genomineerd voor de NITEL Telemedicine stimuleringsprijs. De Telemedicine Stimuleringsprijs, die dit jaar voor de vijfde maal wordt uitgereikt, is bestemd voor een ICT-toepassing gericht op transmurale ketensamenwerking vanuit het perspectief van de patiënt.
ALS is een aandoening die, eenmaal gediagnosticeerd, in enkele jaren leidt tot het overlijden van de patiënt. Het snelle en onvoorspelbare verloop van de ziekte vergt intensieve begeleiding. Binnen het project is een internet spreekuur ontwikkeld voor deze patiënten. Systematische analyse van gespreksprotocollen heeft aangetoond dat de arts patiënten veel beter kan begeleiden door ook gebruik te maken van het internetspreekuur en laat de grote meerwaarde zien van deze vorm van dienstverlening voor zowel patiënt als voor de kwaliteit van de zorg. Het project is mogelijk gemaakt dankzij het Innovatiecentrum voor Revalidatie Technologie.

Het ALS project is een van de 4 nominaties die door de deskundige jury voorzitterschap van Dr. W.H. Salzmann (College voor Zorgverzekeringen) is genomindeerd. De andere 3 projecten zijn:

Voorlichting op Maat van The Health Agency: gepersonaliseerde hoogwaardige patientinformatie als voorbereiding op en ter opvolging van gesprekken met zorgverleners.
Transmuraal diabetes dossier van Portavita speelt een centrale rol in de organisatie van de ketenzorg rond diabetes in de regio Amersfoort.
Zorg-contact van Zorgcentrale Noord: een open platform voor het aanbieden en uitvoeren van domotica en telemedicinediensten
De jury is van mening dat alle projecten bij uitstek demonstreren hoe telemedicine kan bijdragen aan de kwaliteit van zorg en de patiënt kan helpen om de regie te nemen over de eigen gezondheid. De genomineerde projecten laten bovendien zien hoe telemedicine het werk van zorgverleners kan verrijken.

De Telemedicine Stimuleringsprijs, die dit jaar voor de vijfde maal wordt uitgereikt, is bestemd voor een ICT-toepassing gericht op transmurale ketensamenwerking vanuit het perspectief van de patiënt. De genomineerden presenteren zich op 15 februari aan de jury bij NRG in den Bosch. De jury maakt op 14 maart 2007 op de beurs Zorg en ICT bekend wie de winnaar is. De prijs zal worden uitgereikt door dr. A.H. G. Rinnooy Kan, voorzitter van EPN.

De telemedicine stimuleringsprijs bestaat uit een TNO Challenge. De Challenge houdt in dat de prijswinaar aan experts van TNO Informatie- en Communicatietechnologie een probleem mag voorleggen. Specialisten van TNO werken een week lang aan het probleem en komen aan het eind van de week met een oplossing. Afgelopen jaar werd de prijs toegekend aan het project “telebegeleiding bij Hartfalen”.

Publicatiedatum: 31 januari 2007

Top

.

Promotie Carola Mes: Improving non-optimal results in chronic pain treatment: a tripartite approach

Op vrijdag 12 januari 2007 heeft Carola Mes haar proefschrift getiteld ‘Improving non-optimal results in chronic pain treatment; a tripartite approach’ op de Universiteit Twente te Enschede verdedigd. Promotoren waren Prof. dr. G. Zilvold van de Universiteit Twente en Prof. dr. D.C. Turk van de University of Washington, Seattle, USA.

Het resultaat van de meeste behandelprogramma’s voor chronische pijn is (deels) niet optimaal: behalve dat het merendeel van de patiënten verbeterd is na afloop van behandeling, zijn er ook patiënten die geen verandering tonen of zelfs achteruit zijn gegaan voor wat betreft hun klachten en functioneren. Deze variabiliteit in behandelresultaat zal blijven zolang er geen optimaal behandelprogramma voorhanden is. In dit proefschrift wordt de variabiliteit van een revalidatieprogramma voor chronische pijnpatiënten aangetoond aan de hand van de resultaten van een randomized controlled trial (RCT). Daarnaast is op drie manieren geprobeerd om een verklaring te vinden voor deze variabiliteit: 1) door te bepalen of de variabiliteit verklaard kan worden op basis van subgroepen van patiënten; 2) door de variabiliteit te relateren aan factoren in het behandelproces; en 3) door te onderzoeken of de variabiliteit verklaard kan worden op basis van onvolledige of incorrecte onderliggende theoretische mechanismen. Voor dit laatste werd de generaliseerbaarheid en daarmee de waarde bepaald van het match-mismatch mechanisme van pijn als verklaringsmodel voor het voortduren van chronische pijn, alsook de invloed van het revalidatie programma op pijnschattingen in het dagelijks leven. Door oorzaken te vinden voor de variabiliteit van het behandelresultaat van het CBT-R programma, komen aangrijpingspunten voor verbetering van dit revalidatieprogramma voorhanden en daarmee voor verbetering van het effect van revalidatie voor chronische pijn.

Carola Mes werkt sinds 1997 bij Roessingh Research & Development. Per 1 januari 2007 is ze werkzaam bij het PON Instituut voor Advies, Onderzoek en Ontwikkeling in Tilburg.

Publicatie datum: 12 januari 2007.

Top

.

Successful ISEK conference 2006 for RRD

The 2006 conference of the International Society for Electromyography and Kinesiology (ISEK) in Torino ( Italy) has been very successful for RRD. First of al Judith Fleuren has won the award for best clinical presentation. Second Hermie Hermens has been assigned as ISEK fellow.

Title of the presentation of Judith Fleuren was: Spasticity assessment, the need for standardization, JFM Fleuren, MJ Nederhand, HJ Hermens. Spasticity of the upper leg (kneextensors -flexors) was recorded in 20 CVA patients in two different positions: sitting and prone. This study was performed because in literature variable results were found concerning the influence of the test position (and inherently muscle length) on measuring spasticity. In addition, in a clinical setting this test position is often not taken into account. Surface EMG was recorded was well as the Ashworthscale. Results showed that with changing the test position of the patients, the clinical as well as the neurophysiological recordings are affected: a muscle in a lengthened condition shows more spasticity than the same muscle in a shortened condition. Therefore documentation of the patients’ test position is very important and standardization of protocols for both the clinical and neurophysiological assessment methods is strongly recommended.

Hermie Hermens becomes the second fellow of ISEK after Serge Roy. Hermie has been both president as well as secretary of the ISEK board for many years. This fellowship be regarded as a reward for his contribution to the development of both ISEK as well as the field of (Surface) electromyography.

Publication date: July 4 2006.

Top

.

Uitreiking Telefysi boek aan Roger van Boxtel (Menzis)

Kinderfysiotherapeuten kunnen beter gebruik maken van elkaars specifieke expertise door de inzet van videoconsultatie op afstand. Hierdoor wordt de zorg rondom kinderen met houdings- en bewegingsproblematiek efficienter. Dit is de kern van het zorginnovatieproject Telefysi. Teleconsultatie in fysiotherapie is een door RRD gerealiseerde breedband teleconsultatiedienst in de regio Twente. Zorgverleners raadplegen elkaar waardoor hun deskundigheid maximaal wordt ingezet. Bovendien wordt het onnodig doorverwijzen van kinderen hierdoor voorkomen.

Dit zorginnovatieproject is uitgevoerd door RRD in samenwerking met eerstelijns fysiotherapeuten, Revalidatiecentrum het Roessingh en zorgverzekeraar Menzis. Op 15 juni j.l. is het eerste exemplaar van een boek over dit project uitgereikt aan Roger van Boxtel, voorzitter Raad van Bestuur van Menzis.

Communicatiemiddel
Telefysi heeft volgens Roger van Boxtel de potentie om uit te groeien tot een belangrijk communicatiemiddel binnen verschillende zorgketens. “Het biedt nieuwe mogelijkheden omdat het delen van verschillende organisaties met elkaar kan verbinden tot één sluitend geheel van zorg. Denk alleen al aan de kwaliteitsimpuls die een behandeling krijgt als speciallisten uit de tweede en derde lijn kunnen meekijken met de zorgprofessional uit de eerstelijn. Fysieke grenzen tussen zorginstellingen en zorgverleners worden beslecht en ik zie zorgverleners elkaar versterken en aanvullen, via multi disciplinair overleg, maar ook in overleg met huisarts of ouders. Nu eerst in Twente, maar straks zeker ook in heel Nederland,” aldus Roger van Boxtel.

Het project
Telefysi staat voor Teleconsultatie in Fysiotherapie. Tijdens dit project is een nieuwe breedbanddienst ontwikkeld, die consultatie op afstand tussen kinderfysiotherapeuten in de regio en in Revalidatiecentrum Het Roessingh mogelijk maakt. Met inzet van video-teleconsultatie kan de aanwezige expertise maximaal worden ingezet, worden onnodige doorverwijzingen beperkt en verbetert de behandeling.

De praktijk laat zien dat Teleconsultatie steeds meer wordt toegepast in de (dagelijkse) behandelpraktijk van kinderfysiotherapeuten en andere professionals in het zorgnetwerk rond de kinderen. Deze positieve ervaringen vormen de basis voor uitbreiding van de regionale teleconsultatie naar een landelijk niveau. Ook is het succesvolle resultaat het uitgangspunt voor verdere samenwerking tussen RRD, eerste- en tweedelijns behandelaars en zorgverzekeraars op het gebied van innovatie binnen de telezorg.

Winnaar ICT Award
RRD heeft met het succesvolle project Telefysi onlangs de Nederland BreedbandLand (NBL) Award gewonnen. Deze prijs vormt een onderdeel van de nationale ICT Awards en is bedoeld als erkenning voor de meest aansprekende 'witte raaf', koploper breedbandtoepassing, uit één van de actielijnen van het NBL. NBL is hèt nationale, onafhankelijke platform dat maatschappelijk en economisch relevante sectoren stimuleert en helpt beter en slimmer gebruik te maken van breedband. “Reden voor de toekenning van de award is dat het een praktische toepassing is, die heel gemakkelijk landelijk uitgerold kan worden en die een hoge mate van klantvriendelijkheid voor zowel patiënt, zorgverlener als verzekeraar biedt”, aldus het juryrapport.

Publicatiedatum: 16 juni 2006

Top

.

Roessingh wint NBL Award 200

Op dinsdagavond 16 mei, heeft in de Oude Raadzaal te Den Haag de uitreiking plaatsgevonden van de Nationale ICT Awards. Onderdeel van deze Awards is de NBL Award 2006, voor de meest aansprekende 'witte raaf' (koploper breedbandtoepassing) uit één van de actielijnen van het NBL. Nederland BreedbandLand (NBL) is hèt nationale, onafhankelijke platform dat maatschappelijk en economisch relevante sectoren stimuleert en helpt beter en slimmer. gebruik te maken van breedband. Het Roessingh kreeg de prijs voor het succesvolle Telefysi project dat in de kinderfysiotherapie een nieuwe behandelingswijze heeft geïntroduceerd waardoor kinderen bij hun eigen plaatselijke fysiotherapeut optimaal behandeld kunnen worden, terwijl de specialistische kennis van de regionale revalidatiearts ook beschikbaar is. “Reden voor de toekenning van de award is dat het een praktisch toepasbare toepassing is, die heel gemakkelijk landelijk uitgerold kan worden en die een hoge mate van klantvriendelijkheid voor zowel patiënt, zorgverlener als verzekeraar biedt”, aldus het juryrapport. Via breedbandige teleconsultatie overlegt de fysiotherapeut met de revalidatiearts over de vorderingen in de behandeling van kinderen met complexe houdings- en bewegingsstoornissen. Naast patiëntgegevens worden ook videobeelden uitgewisseld, die juist voor dit type probleem zeer geschikt zijn om de toestand en vorderingen van de patiënt te “beschrijven”. Ook kan multidisciplinair overleg plaatsvinden en overleg met huisarts en ouders.

Andere genomineerde projecten waren De Buurman, een website met lokale dienstverlening via internet en Het virtueel persoonlijk loket, dienstverlening op afstand.

Voor meer info zie: www.nederlandbreedbandland.nl en www.telefysiek.nl

Publicatiedatum: 18 mei 2006

Top

.

Telefysi project genomineerd voor NBL Award 2006

RRD is met het project “Telefysi” een van de drie genomineerden voor de Nederland BreedbandLand (NBL) Award 2006.

De NBL Award is onderdeel van de Nationale ICT Awards 2006. Op 16 mei 2006 wordt de winnaar bekendgemaakt. Het NBL zal de genomineerden voorstellen tijdens een interviewsessie op 27 april 2006 in het NBL Trends Valley paviljoen op het The ICT & Internetworking Event (TINE 2006) in de Amsterdam RAI. De twee andere projecten zijn "DeBuurman" en "Virtueel persoonlijk loket".

Het Telefysi projectis het succesvolle project dat in de kinderfysiotherapie een nieuwe behandelingswijze heeft geïntroduceerd, waardoor kinderen bij hun eigen plaatselijke fysiotherapeut optimaal behandeld kunnen worden, terwijl de specialistische kennis van de regionale revalidatiearts ook beschikbaar is.

Via breedbandige teleconsultatie overlegt de fysiotherapeut met de revalidatiearts over de vorderingen in de behandeling van kinderen met complexe houdings- en bewegingsstoornissen. Naast patiëntgegevens worden ook videobeelden uitgewisseld, die juist voor dit type probleem zeer geschikt zijn om de toestand en vorderingen van de patiënt te “beschrijven”. Ook is Multi Disciplinair Overleg (MDO) mogelijk en is overleg met huisarts en ouders voorzien.

Voor meer info zie: http://www.nederlandbreedbandland.nl en www.telefysi.nl

Publicatiedatum: 11 april 2006

Top

.

Promotie Henk van Dijk: De invloed van leeftijd en feedback op het leren van motorische vaardigheden

Op vrijdag 10 maart is Henk van Dijk gepromoveerd aan de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica van de Universiteit Twente.

Het proefschrift gaat over de invloed van leeftijd en feedback op het leren van motorische vaardigheden. In de jaren 80 is er veelvuldig onderzoek gedaan bij jongeren naar de invloedrijke rol van feedback (het terugkoppelen van informatie over de gedane prestatie) op het leren van een bewegingstaak. In het kader van de vergrijzing wordt de vraag of veroudering een rol speelt bij het gebruik van feedback steeds relevanter. Door het verouderingsproces vertraagt de verwerking van informatie. Hierdoor zouden ouderen wel eens anders dan jongeren kunnen reageren op feedback. Of dit daadwerkelijk zo is, heeft Van Dijk in de afgelopen periode onderzocht.

De resultaten van het onderzoek laten zien dat ouderen – ondanks dat ze op bepaalde taken minder goed presteren dan jongeren – op eenzelfde manier reageren op feedback als jongeren dat doen. Het toevoegen van instructies en feedback kan tot op zekere hoogte de leeftijdsgebonden achteruitgang in presteren compenseren, zo stelt Van Dijk.

Henk van Dijk is sinds 2000 werkzaam bij Roessingh Research & Development. In oktober 2002 is hij gestart met zijn promotieonderzoek.

Referentie
Henk van Dijk , ‘Motor skill learning – age and augmented feedback’, Progress in rehabilitation science no.16, Roessingh Research & Development, Enschede, the Netherlands, ISBN 90-365-2302-8.

Publicatiedatum: 25 maart 2006.

Top

.

Philips topman Kleisterlee bezoekt Roessingh Research and Development

Op Woensdag 8 februari heeft Philips topman ir. G Kleisterlee een werkbezoek gebracht aan Roessingh Research and Development (RRD). Na een korte introductie over Het Roessingh instituut en de intensieve relaties met de Universiteit Twente is hij in het bijzonder geïnformeerd over het onderzoek dat bij RRD wordt uitgevoerd in samenwerking met Philips NV.

Roessingh Research and Development participeert in enkele BSIK projecten, waar ook Philips NV (o.a. research, semiconductors en consumer electronics) partij is. Gemeenschappelijke interessegebieden zijn met name het vergroten van health & wellness van chronisch zieken na revalidatie. Om dit te bereiken wordt door RRD nu reeds een aantal pilots in de zorg uitgevoerd waar dit concept centraal staat. Er bestaat een intensieve en uitstekende relatie tussen Philips en RRD met betrekking tot nieuwe concepten voor het verbeteren van de leefomgeving voor chronisch zieken. Het gaat onder meer om reactiverings- en reconditionerings-programma’s voor mensen met chronische pijn, technologie voor lifestyle management en continuous monitoring van mensen met chronische aandoeningen.

Tijdens het werkbezoek werden demonstraties gegeven van telezorg bij patiënten met chronische pijn. Onder andere werd een opstelling gedemonstreerd waarbij patiënten door middel van een GPRS verbinding continue worden gemonitored.

Aan het einde van werkbezoek werd door Kleisterlee aangegeven vaker naar topinstituten zoals Roessingh R&D te willen kijken. Door de internationale focus wordt wel eens vergeten wat er in Nederland plaatsvindt. Gezien de substantiële samenwerking steunde Kleisterlee het idee om de mogelijkheid van een meer structurele samenwerkingsovereenkomst te verkennen.

Publicatiedatum: 8-2-2006

Top

.

Promotieonderzoek Joke de Kroon: Therapeutische elektrostimulatie van de arm (ES) na een CVA

Op 15 december 2005 heeft Joke de Kroon haar proefschrift getiteld ‘Therapeutic electrical stimulation of the upper extremity in stroke’ verdedigd aan de Universiteit van Twente in Enschede.

Onderzoek In de literatuur worden vele positieve effecten van ES beschreven, maar het wetenschappelijk bewijs is nog beperkt. Doel van het onderzoek is om de wetenschappelijke basis van ES te evalueren en om de relatieve waarden van de verschillende ES methoden en parameterinstellingen te onderzoeken. Daarnaast zal dit meer inzicht geven in het werkingsmechanisme van ES, ook in relatie tot verbetering van de armhandfunctie bij mensen na een CVA.

De Kroon heeft een exploratief onderzoek opgezet waarbij 30 CVA- patiënten werden geincludeerd. Ze werden door loting verdeeld over twee behandelgroepen. Beide groepen pasten gedurende 6 weken 3 keer per dag 1 uur ES toe. Bij de ene groep werden de polsstrekkers gestimuleerd, bij de andere groep werden de polsstrekkers afgewisseld met de polsbuigers. Met diverse meetinstrumenten is er geen significant verschil tussen beide vormen van ES gevonden. Geen van beide stimulatiemethoden haalde op groepsniveau een klinische relevante verbetering.

Uit door de Kroon verricht literatuuronderzoek blijkt dat de zogenaamde ‘actieve ES’ wel een positief effect heeft. Bij deze methode moet de patiënt eerst zelf aanspannen en pas als een drempelwaarde overschreden is, volgt de stimulatie. In navolging van dit onderzoek zijn opnieuw 22 CVA patiënten geincludeerd. At random werd cyclisch dan wel actieve ES toegepast gedurende 6 weken 3 keer per dag 30 minuten. Resultaten van beide groepen waren positief na 6 weken. Echter geen significante klinisch relevante verschillen tussen beide groepen. Dus actieve ES was niet beter dan cyclische ES.

Veranderingen op hersenniveau, centrale veranderingen lijken een rol te spelen bij het werkingsmechanisme van ES. Om dit te verifiëren heeft de Kroon de aansturingparameters met oppervlakte electromyografie (EMG) geregistreerd bij deze twee groepen. In geen van beide groepen zijn deze parameters veranderd en er was ook geen verschil in de actieve en cyclische ES groep.

Conclusie is dat het op dit moment nog niet duidelijk is welke methode van ES het meest effectief is bij welke CVA patiënt en volgens welk werkingsmechanisme.

Joke de Kroon heeft haar promotieonderzoek binnen RRD gecombineerd met haar opleiding tot revalidatiearts bij revalidatiecentrum het Roessingh. De promotoren waren prof.dr. M. J. IJzerman, prof.dr. G.J. Lankhorst en prof..dr. G. Zilvold. Voor dit onderzoek kreeg zij een AGIKO stipendium van ZonMW. Sinds 1 april 2004 is zij in dienst van revalidatiecentrum Heliomare in Wijk aan Zee en werkt zij als revalidatiearts in het Spaarne ziekenhuis Hoofddorp/Heemstede.

Publicatiedatum 17 december 2005.

Top

.

Promotie Govert Snoek:
"Dwarslaesiepatiënten: betere hand- en armfunctie, maar niet tegen elke prijs"

Op 8 december is Govert Snoek gepromoveerd aan de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica van de Universiteit Twente. De promotie is het resultaat van het onderzoek dat Govert Snoek, tevens revalidatie arts binnen het Roessingh, heeft gedaan bij Roessingh Research and Development in Enschede, in samenwerking met het Medisch Spectrum Twente Een van de conclusies van zijn proefschrift is dat de hand- en armfunctie een van de belangrijkste factoren is in de kwaliteit van leven die dwarslaesiepatiënten ervaren. Toch weegt voor velen de kwaliteitsverbetering die te halen is, niet op tegen de zwaarte van de behandeling en revalidatie. Doorslaggevend is de invloed die de patiënt zelf heeft: kan hij dankzij een ingreep taken uitvoeren die hij zelf wil, of alleen maar standaardtaken? Individuele wensen en mogelijkheden kunnen beter ingezet worden bij het maken van keuzen en het opstellen van protocollen, vindt Snoek,

De mate van zelfstandigheid van een dwarslaesiepatiënt hangt sterk af van de hoogte van de laesie: bij een ‘hoge dwarslaesie’ zijn niet alleen de benen maar ook de armen verlamd. Uit het onderzoek dat Snoek heeft gedaan onder 560 dwarslaesiepatiënten in Engeland en Nederland, blijkt dat een verbeterde hand- en armfunctie voor deze patiënten belangrijk is voor de waardering van hun gezondheidstoestand en voor de kwaliteit van leven die zij ervaren. Vergeleken met zes andere stoornissen tengevolge van de dwarslaesie scoort de verbeterde hand- en armfunctie even hoog als de verbetering in de blaas- en darmfunctie, waarvan al bekend was dat patiënten dit erg belangrijk vinden. Ook als de vraag wordt gesteld ‘hoeveel tijd van leven zou u bereid zijn in te leveren voor het opheffen van het probleem?’, is de hand-arm problematiek belangrijk.

Eigen invloed
Ondanks deze hoge waardering kiest een deel van de patiënten nadrukkelijk niet voor een behandeling, terwijl zij hiervoor wel in aanmerking zou komen. Zo’n behandeling kan bestaan uit een operatieve ingreep, waarbij pezen worden verlegd of apparatuur wordt ingebracht voor kunstmatige stimulatie. De resultaten zijn goed, maar de behandeling is opnieuw ingrijpend en revalidatie kan veel tijd kosten. Als één van de mogelijkheden tot verbetering van de handfunctie heeft Snoek de zogenaamde Handmaster onderzocht: een apparaat voor elektrostimulatie waarmee bijvoorbeeld een grijpbeweging is te trainen. Een belangrijk deel van de onderzochte patiënten is, met enkele maanden therapie, in staat een aantal gestandaardiseerde taken uit te voeren. Doorslaggevend voor de motivatie om na deze maanden dóór te gaan met het apparaat is echter dat de patiënt in staat moet zijn zelf taken te definiëren die belangrijk voor hem of haar zijn.

Een behandelaar mag dan geneigd zijn de functieverbetering voorop te stellen, voor de patiënt is dat niet vanzelfsprekend. Hij of zij baseert een keuze vaak op aspecten als ‘tijd in het ziekenhuis’, ‘aantal maanden revalidatie’. Voor veertig procent van de ondervraagden is één behandeleigenschap bepalend voor de keuze. In de voorlichting aan patiënten en het opstellen van behandelprotocollen, kunnen leren van de inzichten die Snoek onder patiënten heeft gekregen: kennis van hun mogelijkheden en drijfveren zouden tot meer maatwerk moeten leiden, stelt hij.

 Na zijn promotie blijft G. Snoek voor anderhalve dag in de week verbonden aan Roessingh Research & Development.

Referentie
Govert J. Snoek, ‘Patient preferences for reconstructive interventions of the upper limb in tetraplegia’, Progress Reeks no. 14, Roessingh Research & Development, Enschede, the Netherlands, ISBN: 90-365-2255-2.

Publicatiedatum: 9 december 2005

Top

.

Intreerede prof. dr. Maarten IJzerman:
“Neuro-revalidatie tussen technologie en vrije wil”

Op donderdag 17 november heeft Maarten IJzerman, wetenschappelijk directeur van RRD, zijn intreerede uitgesproken in het kader van zijn benoeming als hoogleraar Clinical Assessment of Rehabilitation Technology aan de Universiteit Twente. De rede was getiteld: ‘Netwerk in beweging, door technologische innovaties in de neurorevalidatie’.

Revalidatiezorg bij neurologische aandoeningen profiteert in toenemende mate van technologie: robots, virtual reality en neuroprothesen zijn in opkomst en ook het beïnvloeden van hersenactiviteit met chemische en elektrische ‘doping’ en het leggen van verbindingen tussen het zenuwstelsel en elektrische systemen worden mogelijk. Maar waar ligt de grens tussen behandeling en ‘humane verbetering’? En wat wil de patiënt, in het streven naar ‘personalized health care’? In de klinische en economische evaluatie van nieuwe technologie speelt Medical Technology Assessment een belangrijke rol. Nederland dreigt echter de boot te missen als het gaat om innovatie in de zorg.

Meer dan de helft van de zorg in Nederlandse revalidatiecentra gaat over mensen met een centraal neurologische aandoening, en dit aantal is alleen nog maar groeiende, aldus IJzerman in zijn rede. Een hersenbloeding of een dwarslaesie zijn niet te genezen; revalidatie en training staan daar voorop. Meer en meer helpt technologie daarbij, met robots en virtual reality om mensen te trainen bij het staan en lopen, of bij het omgaan met hulpmiddelen. Ook is er een verbinding te leggen tussen technologie en neurowetenschappen, voor het beïnvloeden van de hersenactiviteit: het is mogelijk om delen van de hersenen gevoeliger te maken voor de effecten van oefentherapie, door beïnvloeding met medicijnen of elektrische signalen.

Gepersonaliseerde zorg
Dat zijn geavanceerde technieken, “misschien zelfs indrukwekkend” volgens IJzerman, maar ze roepen ook ethische vragen op. Komen we op het terrein van de vrije wil? En gaat het niet naar een ‘utilitaire’ benadering van geneeskunde en revalidatie, waarin persoonlijk geluk voorop staat? IJzerman wijst op het belang van de mening van de patiënt. Uit onderzoek blijkt dat die andere dan rationele afwegingen maakt bij het kiezen van een behandeling: het oordeel van de arts geeft vaak de doorslag, maar ook nemen patiënten soms het ongemak voor lief, als het alternatief een ingrijpende operatie of een langdurig revalidatietraject is. Daarnaast is er de trend van ‘personalized health care’, 24 uur per dag op momenten waarop de patiënt erom vraagt en met inzet van moderne ICT-middelen. De verantwoordelijkheid verschuift van het zorgsysteem naar de patiënt.

“We zijn verplicht om na te denken over het stimuleren van die technische ontwikkelingen, hoe het concrete verbeteringen in de patiëntenzorg kan opleveren en hoe het kan bijdragen aan economische ontwikkeling door transfer van technologie”, aldus IJzerman. Binnen dit proces van Medical Technology Assessment moet meer plaats komen voor een efficiënte en goedkope methodologie, betoogt hij. De snelheid van de technologische ontwikkelingen maakt dit noodzakelijk.

Bij dit alles spreekt hij de zorg uit over de innovatiekracht van Nederland. In de VS vraagt de consument steeds meer om medisch-technologische innovaties, in Nederland dreigen we de boot te missen: we genereren slechts 2 procent van nieuwe kennis zelf. Innovatielaboratoria zoals het landelijk innovatiecentrum voor revalidatietechnologie en pijnrevalidatie, onderdeel van ‘zijn eigen’ Roessingh R&D, zijn goede initiatieven, maar zouden een steviger basis moeten krijgen, aldus IJzerman.

De benoeming van M. IJzerman als hoogleraar aan de Universtiteit Twente is een bekroning op de samenwerking tussen Roessingh Research & Development en het Biomedisch Technologisch Instituut (BMTI) van de Universiteit Twente. Het is een is één van de pijlers onder de versteviging van het academisch onderzoek op dit terrein. Eerder al werd prof. Hermie Hermens benoemd.

Publicatiedatum: 17-11-2005

Top

.

Promotie Arjan van der Salm:
Spasticiteitsreductie d.m.v. elektrische stimulatie in beenspieren bij patiënten met een dwarslaesie’

Op vrijdag 21 oktober heeft Arjan van der Salm zijn proefschrift, getiteld ‘Spasticiteitsreductie d.m.v. elektrische stimulatie in beenspieren bij patiënten met een dwarslaesie’ (‘Spasticity reduction using electrical stimulation in the lower limb of spinal cord injury patients) verdedigd aan de Universiteit Twente.

Het proefschrift gaat over het beïnvloeden van spasticiteit bij mensen met een dwarslaesie door middel van elektrische stimulatie. Tot nu toe werd elektrische stimulatie bij dwarslaesie patiënten voornamelijk ingezet om (deels) verlamde spieren tijdens activiteiten te laten aanspannen. Veel mensen met een dwarslaesie hebben ook last van spasticiteit, wat inhoudt dat er een teveel aan activiteit in de spieren is. In het proefschrift komt naar voren dat het effect van de elektrische stimulatie goed te gebruiken lijkt om tijdens activiteiten de spieractiviteit te verminderen. Dit is onderzocht tijdens het lopen. Dit is waarschijnlijk goed te gebruiken om de belemmering door spasticiteit tijdens het lopen te verminderen. Helaas blijkt het geven van elektrische stimulatie voorafgaand aan een activiteit weinig tot geen blijvend effect te geven.

Arjan is sinds 2000 werkzaam bij Roessingh Research & Development. In eerste instantie is hij betrokken geweest bij een onderzoek naar de zorgketen bij kinderen met een cerebrale parese. Sinds 2001 is hij bezig geweest met zijn promotieonderzoek. Naast zijn onderzoek is hij continu werkzaam geweest als fysio-/ manueeltherapeut in diverse praktijken. Op dit moment combineert hij zijn werkzaamheden binnen de fysiotherapie praktijk ‘de Elsbeek’ te Hengelo met een aanstelling als docent fysiotherapie aan de Saxion Hogeschool Enschede.

Publicatiedatum: 21 oktober 2005

Top

.

Promotie Jaap Buurke: Walking after stroke Co-ordination patterns & functional recovery

Op donderdag 24 februari heeft  Jaap Buurke zijn proefschrift getiteld ''Walking after stroke'' op de Universiteit Twente te Enschede verdedigd. Zijn promotor was prof. dr. ir. H.J. Hermens, zijn copromotor prof. dr. G. Zilvold. Het onderzoek maakte deel uit van een groot researchprogramma gericht op herstel van het lopen na een beroerte, gesubsidieerd door Zon Mw. Buurke is werkzaam als fysiotherapeut bij revalidatiecentrum het Roessingh en hij is als onderzoeker werkzaam bij Roessingh Research and Development binnen het cluster ''non-invasive assessment of neuromuscular function".

Het proefschrift richt zich op het herstel van spiercoördinatie na een beroerte en de mogelijke relatie met de dagelijkse vaardigheden. Ook is onderzocht in welke mate de spiercoördinatie beinvloed kan worden. Dertien CVA-patiënten van het Roessingh zijn gedurende een half jaar (3, 6, 9, 12 en 24 weken) gevolgd. Functioneel herstel van lopen is gemeten met behulp van een zestal parameters. Met behulp van oppervlakte EMG zijn daarnaast de coördinatiepatronen van romp-en beenspieren geregistreerd tijdens het lopen. Vijf van de zes parameters die functioneel herstel aangeven zijn verbeterd in de tijd. De coördinatiepatronen daarentegen zijn niet veranderd. Dit geeft aan dat functionele verbetering van het lopen aan andere mechanismen is gerelateerd dan aan herstel van coördinatiepatronen. Dit is een opmerkelijke bevinding, aangezien de meeste bestaande behandelmethodes (o.a. Brunstrumm, PNF, NDT) er van uitgaan dat functionele verbetering van het lopen wordt gefaciliteerd door de verbetering van de spiercoördinatie. Deze bevindingen lijken eerdere aannames ten aanzien van functionele training te bevestigen.

Jaap Buurke zal aan diverse projecten gaan werken waaronder "Weke delen chirurgie bij CVA patiënten", "FES for Footdrop in Hemiparesis (NIH, USA) en, in samenwerking met de Universiteit Twente, aan het project " Effect van revalidatie hulpmiddelen op het evenwicht bij CVA patiënten" (ZonMw). 

Publicatiedatum: 25 februari 2005

Top

.

Maarten IJzerman benoemd tot hoogleraar UT

De Universiteit Twente heeft dr. Maarten IJzerman, wetenschappelijk directeur van RRD, benoemd tot hoogleraar Clinical Assessment of Neuro-Rehabilitation Technology, bij de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica. UT-rector prof. Henk Zijm heeft dit op 7 februari bekendgemaakt tijdens de feestelijke opening van de nieuwbouw.

Maarten IJzerman (36) studeerde Fysiotherapie in Enschede, en Bewegingswetenschappen en Klinische Epidemiologie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Hij promoveerde in 1997 aan het Biomedisch Technologisch Instituut van de Universiteit Twente op het proefschrift ‘Design and Evaluation of a Hybrid Orthosis for People with Paraplegia’ dat werd uitgevoerd binnen RRD.
Na zijn promotie bleef hij verbonden aan RRD, eerst als methodoloog; vanaf 2000 als wetenschappelijk directeur. IJzerman heeft vele publicaties op zijn naam staan, over diverse aspecten van revalidatietechnologie: ontwikkeling van prothesen en orthesen, functionele elektrostimulatie en pijnbestrijding.

Publicatiedatum: 8 februari 2005

Top

.

Burgemeester Mans opent nieuwbouw Roessingh Research & Development

Op maandag 7 februari 2005 zal drs. J.H.H. Mans, burgemeester van Enschede. de uitbreiding van het gebouw van Roessingh Research and Development officieel komen openen. Op die dag is het precies 14 jaar geleden dat door Mr P. Blok, voorzitter van de St. Jorisstichting, de eerste steen werd gelegd voor het bestaande gebouw.

Reeds in 1995 was dat gebouw vanwege de groei van RRD te klein, waardoor het noodzakelijk was om houten bijgebouwen te plaatsen. Dankzij een donatie van de St. Jorisstichting is het mogelijk om het bestaande RRD gebouw uit te breiden. Behalve vele werkplekken levert dit ook een tweetal nieuwe onderzoekslaboratoria op, waarmee het huidige onderzoeksprogramma beter kan worden uitgevoerd.

De officiële opening zal voorafgegaan worden door een kort programma. Daarin zal Dr. M.J. IJzerman, wetenschappelijk directeur van Roessingh Research and Development, een overzicht geven van de het onderzoeksprogramma binnen RRD. Drs. J. van Amstel, algemeen directeur van revalidatiecentrum Het Roessingh, zal ingaan op de betekenis van onderzoek voor de revalidatiezorg. Prof. Dr. J. Feijen, wetenschappelijk directeur van het BioMedisch Technologisch Instituut van de Universiteit Twente, zal ingaan op het BioMedisch Technologisch onderzoek aan de UT: nu en in de toekomst.

Het programma zal muzikaal opgeluisterd worden door het Valerius Ensemble.

Publicatiedatum: 3 februari 2005

Top

.

Promotie Michiel Jannink

Usability of custom-made orthopaedic shoes in patients with degenerative disorders of the foot

Op vrijdag 17 september 2004 is Michiel Jannink gepromoveerd aan de faculteit der geneeskunde van de VU medisch centrum in Amsterdam. Promotoren bij dit promotieonderzoek zijn prof. dr. G.J. Lankhorst en prof. dr. J.W. Groothoff. Compromoter is dr. M.J. IJzerman.
Het promotieonderzoek heeft zich gericht op bruikbaarheidsfactoren (ISO-gedefinieerd) van orthopedische schoenen, zoals efficiëntie, tevredendheid en gebruikerscontext. Deze bepalen namelijk óf ouderen schoenen wel of niet gebruiken en beïnvloeden dus mede die effectiviteit, zo blijkt uit Janninks multi-centre studie.Van de 93 patiënten met vervorming van de voeten door slijtage en standafwijkingen (degeneratieve voetafwijkingen) dragen er 23 het orthopedische schoeisel minder dan 3 dagen per week. Ook uit de klinische praktijk is bekend dat tussen 8 en 75 procent van de ouderen deze schoenen in de kast laat staan. Van significant belang bij de overweging om het schoeisel aan te trekken, blijkt toename in sta-duur, afname in huidafwijkingen, het makkelijk aan- en uittrekken en het uiterlijk van de stappers. Jannink concludeert dat dergelijke efficiëntie- en tevredenheidsfactoren noodzakelijkerwijs mee zouden moeten wegen bij het toetsen van de effectiviteit van orthopedische schoenen. Op basis van de bruikbaarheidsfactoren die leiden tot niet-gebruik, kunnen dan verfijnde aanpassingen worden gedaan aan het schoeisel.Om te onderzoeken of die aanpassingen ook echt helpen, is objectieve meting nodig. De promovendus evalueerde met bestaande voetdrukmeetapparatuur het effect van orthopedisch schoeisel bij patiënten met degeneratieve voetafwijkingen, in termen van voetdruk en voetpijn. Ook zocht Jannink naar een mogelijke relatie tussen verschillende voetdrukparameters en voetpijn. Het promotieonderzoek toonde aan dat de GEMIDDELDE voetdruk is gerelateerd aan pijn, en niet, zoals tot nu toe werd aangenomen, de PIEKdruk.Degeneratieve voetafwijkingen zijn vaak erg pijnlijk en komen relatief veel voor bij ouderen (10% tot 24%). Behandeling met orthopedisch schoeisel was tot nu toe voornamelijk gebaseerd op klinische ervaring en "trial and error". Goed orthopedisch schoeisel is belangrijk, want het houdt de groeiende groep ouderen mobiel en maakt ze minder zorgbehoevend.
Michiel Jannink is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij Roessingh Research & Development binnen het cluster Functieherstel Technologie. Na zijn promotie zal hij de onderzoekslijn Virtual Reality en Robotica binnen de revalidatie vorm gaan geven.
Publicatie datum: vrijdag 17 september2004

 
Top

.

Minister Hoogervorst legt eerste steen voor uitbreiding RRD

Op maandag 17 mei heeft Minister H. Hoogervorst van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de eerste steen gelegd voor de uitbreiding van RRD. Een uitgebreide rondleiding binnen het revalidatiecentrum het Roessingh ging daaraan vooraf.

Het bezoek van de minister hield verband met de erkenning die het Roessingh onlangs heeft verworven als innovatiecentrum voor revalidatietechnologie en pijnrevalidatie. Tijdens de rondleiding ging de minister langs bij vele patienten om zich te laten informeren over behandelprogramma's bij chronische pijn en om te zien welke technologische mogelijkheden er zijn binnen de revalidatie. Bij RRD werd de minister welkom geheten door dr. M. IJzerman, wetenschappelijk directeur RRD. In de speech die daarop volgde gaf de minister ten overstaan van de vele genodigden, waaronder de Commissaris der Koningin, de heer G. Janssen en burgemeester J. Mans, aan ‘veel indrukken te hebben opgedaan en onder de indruk te zijn. Goede revalidatie is van niet te onderschatten waarde voor zowel patienten als voor de samenleving’. RRD vervult daarin volgens hem een cruciale voortrekkersrol en hij gaf dan ook aan te verwachten dat het niet moeilijk zal zijn om de erkenning, die formeel eerst voor 2 jaar is, te continueren.

De eerste steen werd geplaatst in de muur van de nieuwe conferentieruimte. Volgens M. IJzerman, een symbolische plek want dit is de belangrijkste plaats waar kennis wordt verspreid.

 

 

Publicatiedatum: 19 mei 2004

Top

.

Oratie dr. ir. Hermie J. Hermens

 

Op donderdag 13 mei a.s. zal dr. ir. Hermie J. Hermens, ter gelegenheid van zijn ambtsaanvaarding als bijzonder hoogleraar een rede uitspreken getiteld ‘Spannende Spierspanningen’. Hermie Hermens is door de stichting Universiteitsfonds Twente benoemd tot bijzonder hoogleraar Neuromusculaire Bewegingssturing. Deze benoeming vindt plaats op de zgn. “Niers-Leerstoel” aan de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica. De rede wordt uitgesproken in collegezaal II van het gebouw ‘De Spiegel’ van de Universiteit Twente.

Hermie Hermens is een van de oprichters van RRD. Op dit moment is hij clustermanager ‘Non-Invasive Assessment of Neuro-muscular Function(ing)’. Tevens is hij President van de International Society for Electrophysiology and Kinesiology (ISEK) en Editor voor het Journal for back and muscle rehabilitation.

 

Publication date: may 2004
Top

.

Forse uitbreiding voor Roessingh Research en Development.

In de eerste week van april wordt gestart met de uitbreiding van het gebouw van Roessingh Research & Development (RRD). Die uitbreiding is noodzakelijk door de continue groei die RRD sinds haar ontstaan heeft doorgemaakt; toen het huidige gebouw in 1991 werd opgeleverd bleek het al snel te klein. Inmiddels bieden ook de 2 bouwketen die al 10 jaar als noodhuisvestiging zijn ingericht onvoldoende ruimte en voorzieningen voor de ruim 60 medewerkers. De onlangs door het ministerie van VWS verstrekte erkenning voor de innovatiecentra pijnrevalidatie en revalidatietechnologie versterkt de noodzaak tot uitbreiding.
Met de uitbreiding zal de capaciteit van het huidige onderzoeksgebouw ruimschoots verdubbelen. Naast een 15-tal extra werkkamers zullen er 2 nieuwe laboratoria almede extra vergaderfaciliteiten worden gerealiseerd. De nieuwe laboratoria worden ingericht om nieuwe onderzoeksprojecten uit te kunnen voeren naast het al bestaande onderzoeksprogramma. Tevens worden de entree, de wachtruimte en de infrastructuur van het bestaande gebouw aangepast.
De uitbreiding wordt grotendeels gefinancierd door de St. Jorisstichting, die ook het bestaande gebouw 12 jaar geleden heeft gefinancierd, en zal worden gerealiseerd door bouwbedrijf Plegt Vos uit Oldenzaal. Naar verwachting zal de oplevering voor het einde van het jaar 2004 plaatsvinden.
Nadere informatie te verkrijgen bij:
Dr. Maarten IJzerman, wetenschappelijk directeur (Tel: 06 54 684996) en/of ir. Bart Freriks, zakelijk directeur (Tel: 053-4875743).

Publicatie datum: 18 maart 2004

Top

.

Beweging binnen ICT ontwikkelingen in de Zorg

 

Het gebruik van informatie en communicatie technologie in de zorg staat in het middelpunt van de belangstelling. RRD probeert als een van de weinige instituten in Nederland nieuwe technieken voor de zorg te ontwikkelen en evalueren waarmee behandeling op afstand mogelijk is. In januari / februari worden tijdens diverse evenementen de resultaten van een aantal projecten gepresenteerd:
Tijdens de Freeband workshop ‘Beter communiceren voor betere zorg’, die plaats vindt op dinsdag 13 januari aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam, worden de resultaten van het Telecare project gepresenteerd. In dit project staat de communicatie rondom de patiënt met een hersenbloeding in de acute fase centraal.
Op 26 januarineemt RRD deel aan het Atos Origin Mobility Event voor de zorgketen. Tijdens dit evenement, wat gehouden wordt bij Atos Origin in Utrecht word gepresenteerd hoe verbeterde informatie-uitwisseling in logistieke ketens kan leiden tot besparingen in de gezondheidszorg.
Op 5 februari zullen in Cinestar te Enschede de resultaten van het ExO Zorg project worden gepresenteerd tijdens het symposium ‘Innovatie in de Zorg door Medische Technologie en ICT’ van het Platform voor Innovatie in de Zorg. Binnen het ExO Zorg project, een door het Ministerie van Economische Zaken gesubsidieerd ICT doorbraakproject, wordt gewerkt aan de ontwikkeling van intelligente trainingsapparatuur om revalidatie op afstand mogelijk te maken. Deze apparatuur stelt mensen in staat om thuis te trainen, op het moment dat het hun zelf schikt, in hun eigen tempo en frequentie. Dankzij de toepassing van zgn. ‘smart sensing and monitoring’ staan zij voortdurend onder begeleiding van een professionele zorgverlener op afstand.

De deelname aan deze evenementen laat overduidelijk zien dat er beweging zit binnen de ICT ontwikkelingen in de zorg en dat RRD daarbinnen een partij van belang is.


Publicatie datum: januari 2004
Top

.

Landelijke erkenning voor Roessingh

 

De jarenlange extra inspanningen van Het Roessingh op het gebied van onderzoek en ontwikkeling worden in 2004 beloond. Minister Hoogervorst van VWS heeft het revalidatiecentrum per 1 januari erkend als innovatiecentrum voor pijnrevalidatie en revalidatietechnologie.

Hiermee krijgen de speciale zorg- en onderzoeksprogramma’s revalidatietechnologie en pijnrevalidatie, welke nationale en internationale bekendheid genieten, een extra stimulans. Met de erkenning is het Enschedese revalidatiecentrum financieel in staat om de onderzoeksprogramma’s voort te zetten en uit te bouwen en om nieuwe ontwikkelingen en voorzieningen sneller aan patiënten te kunnen aanbieden. Naast zorg en onderzoek staat kennisoverdracht aan behandelaars van andere instellingen hoog op de prioriteitenlijst van de nieuwe innovatiecentra.

Tien jaar geleden werden de eerste acties richting Den Haag ondernomen om een speciale status te krijgen. Na een bezoek van de vaste kamercommissie van VWS aan Het Roessingh in 1997, stelde VVD kamerlid wijlen Margreet Kamp vragen aan de toenmalig VWS-minister Els Borst over de bijzondere functie van Het Roessingh. De minister erkende dat een aantal activiteiten van Het Roessingh onder top-referente zorg valt, met als gevolg dat er budget aan toegekend zou moeten worden. Daarna is er frequent contact geweest met landelijke en regionale politici en bestuurders. Recente werkbezoeken van diverse kamerleden en provinciale politici aan Het Roessingh en ondersteuning van de Universiteit Twente en de regionale Taskforce Technologie en Zorg hebben de procedure voor de erkenning in een stroomversnelling gebracht.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: Rein J. Kroes, Afdeling voorlichting Het Roessingh, Tel. 053-4875226 Mobiel: 06.515.839.92


Publicatie datum: Januari 2004
Top

.

RRD organiseert Conferentie over gebruik en niet-gebruik van hulpmiddelen

Op 13 november 2003 organiseert RRD in samen werking met het iRv, kenniscentrum voor Revalidatie en Handicap, een Conferentie Hulpmiddelen en Onderzoek, over het gebruik en niet-gebruik van hulpmiddelen. Op die conferentie worden de resultaten gepresenteerd van het onderzoek dat gezamenlijk is verricht binnen het door ZON (Zorg Onderzoek Nederland) gefinancierde programma 'Niet-gebruik van revalidatietechnische hulpmiddelen'. Doel van het onderzoek was om te achterhalen in hoeverre er in Nederland sprake is van niet-gebruik van hulpmiddelen en vooral om meer inzicht te krijgen in de mogelijke achtergronden (determinanten) daarvan.
Tevens zullen verschillende visies en feiten t.a.v. dit onderwerp gepresenteerd worden door vertegenwoordigers van o.a. de verzekeraar, de politiek, de overheden, de behandelaars, de adviseurs, en cliënten-, en beroepsverenigingen.

De conferentie wordt georganiseerd in La-Gare in Den Bosch en is open voor alle belangstellenden.

Publication Date: September 2003

Top



Meer dutch